Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Afdalen in het mannenbrein

'Voor een langeafstandsrelatie
ben ik te gepassioneerd'

blogger

Jan Willem Vaartjes

B

Begin deze maand zag ik op Facebook een foto van een prachtige, kersverse baby, die liefdevol in de armen van haar moeder lag. Het verhaal achter deze baby is bijzonder. Vader en moeder wonen namelijk ruim 180 km bij elkaar vandaan en beiden zijn ze al gezegend met twee blakende pubers.

Ruim vier jaar geleden hebben ze elkaar ontmoet. Ik heb eigenlijk nooit gevraagd aan haar hoe, maar wat maakt het uit. De vonken spatten er direct bij hun eerste ontmoeting van af en het vuurtje is de afgelopen jaren alleen maar verder aangewakkerd, met nu een liefdesbaby als bekroning. 

Rationele ik

Ik kan me nog goed herinneren dat ik haar destijds vroeg waar ze in hemelsnaam aan begon. Ik dacht het nog harder toen ik voor het eerst hoorde dat ze zwanger was. Mijn 'rationele ik' bedacht allerlei argumenten waarom een langeafstandsrelatie bijvoorbaat gedoemd is te mislukken.

Niet in de laatste plaats omdat co-ouderschap je gebonden houdt aan de plaats, of op zijn minst de nabije omgeving, waar je ex-partner woont. Dat kan nog een flinke tijd duren, zeker als je kinderen nog jong zijn en zelfs op latere leeftijd nog met geen stok uit huis te krijgen zijn, omdat ze het zo goed hebben.

En dan al dat gedoe en geregel om elkaar te zien. Je rijdt niet even zomaar 180 kilometer heen en weer voor een bak koffie of een plagerige tik op de bips als je daar spontaan zin in hebt. 

"We accepteren dat we nog heel wat jaren heen en weer zullen moeten blijven rijden Willem, maar eerlijk is eerlijk ... ideaal is het niet," zei ze zonder aarzeling. "De liefde tussen ons is zo sterk, dat we het wel overleven," vervolgde ze.

Ik kon niets anders dan instemmend knikken. "Ware liefde overwint vast alles lieverd," zei ik hoopgevend, in de wetenschap dat deze woorden er niet heel overtuigend uitrolden bij mij.

Van bindingsangst tot verlatingsangst

Nu, ruim vier jaar na mijn scheiding, ben ikzelf nog steeds een doler in de liefde en iemand die, als ik sommige mensen in mijn omgeving mag geloven, zit opgezadeld met allerlei angsten... Van bindingsangst tot verlatingsangst. Noem het maar op, je kan het zo gek niet bedenken.

Ik weet natuurlijk ook wel dat liefde niet maakbaar is. Toch hoor ik soms een irritant stemmetje in mijn hoofd dat wel zeggen... Dan moet ik steeds weer denken aan de woorden van mijn zusje, toen ze zei dat ik een vrouw in mijn hoofd heb gecreëerd die niet bestaat.

Ik ben er inmiddels een kei in geworden om mijn gevoel deels uit te schakelen als ik een vrouw écht leuk dreig te vinden, maar zij (alsnog) niet voldoet aan één of meerdere voor mij belangrijke selectiecriteria. Selectiecriteria die eigenlijk te idioot voor woorden zijn als ik ze hardop uitspreek. Ik durf ze hier niet eens op te sommen, uit angst dat ik publiekelijk aan de schandpaal wordt genageld.

Ze geven op voorhand de liefde in ieder geval geen kans en vormen een verdelgingsmiddel voor vlinders die het wagen mijn buik te verlaten. 

Tot nu toe houd ik me steeds voor dat een langeafstandsrelatie niets voor mij is; een overtuiging die diep verankerd zit in mijn systeem. Omdat ik mij voorhoud dat ik daar veel te gepassioneerd voor ben. Dat ik gek zou worden bij de gedachte dat ik weer een tijd moet wachten om mijn meisje te zien, te voelen, te beminnen. 

Denkbeeldige cirkel

Vorige week zat ik met een goede vriend nog te soebatten wanneer nu precies sprake is van een langeafstandsrelatie. We trokken in een jolige bui een denkbeeldige cirkel om Arnhem heen en ik moest "STOP" zeggen wanneer de afstand in mijn hoofd te gortig werd. 

"STOP!" kwam er al resoluut uit toen de cirkel de gemeentegrens van Arnhem dreigde te verlaten. Hij keek me aan met een blik van 'Jemig Willem, híer al?'

Na wat doorvragen van zijn kant, kwam de aap uit de mouw. Ik biechtte op dat ik eigenlijk wel weer met een vrouw zou willen samenwonen binnen afzienbare termijn. Niet omdat zij dan mijn was kan doen of het huis op orde kan houden. Ook niet omdat een samengesteld gezin mij nu zo ideaal lijkt. Sterker nog, als ik de verhalen om mij heen mag geloven, word ik daar op voorhand niet bepaald vrolijk van. 

Het lijkt me een heerlijke gedachte om elke dag weer de energie te voelen van een vrouw die mijn hart overuren laat maken. Aan wie je 's avonds op de bank, aan tafel of in bed je belevenissen meedeelt in plaats van aan de telefoon of via skype ofzo. Hoe fijn dat ook kan zijn, begrijp me niet verkeerd.

Liefdesbaby

Ik moest van de week weer denken aan dat stel met die liefdesbaby, toen ik een regenboog aan de hemel zag verschijnen. Ze moeten inmiddels in kilometers de hele wereld om zijn gereisd om elkaar te zien, telkens weer vol van verlangen. 

Stiekem ben ik best jaloers op dat gevoel, in de wetenschap dat een regenboog met haar pot met goud nooit precies voor mijn voeten begint of zal eindigen.

Gerelateerde onderwerpen