Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Helen's dagboek

Aflevering 18: 'Ik gooi het er als
een professioneel leugenaar uit'

H

Helen is tekstschrijver, moeder van Max en Nina, en tien jaar getrouwd met tv-redacteur Paul. Alles in haar leven lijkt perfect, maar Helen is verliefd op een gezamenlijke vriend, Boris. Om aan haar relatie met Paul te werken, gaan ze er een paar dagen tussenuit. 

Maandag

We gaan naar Venetië, Paul en ik. Afgelopen weekend is hij vrijwel non-stop bezig geweest met het plannen van ons weekendje weg. Het was meer dan duidelijk dat dit voor hem niet zomaar een korte break is. De keuze voor één van de meest romantische plaatsen van Europa is een zeer bewuste.

Ik kon en kan er zo moeilijk enthousiast over doen. Ik wil wel naar Venetië, al hoeft die opgelegde romantiek van mij niet zo, maar dan met Boris. Ik wil trouwens overal wel heen met Boris, als er maar een bed staat. De herinnering aan onze nacht samen, dringt zich voortdurend aan me op. En ik kan er echt de tijd voor nemen om ze toe te laten.

Toen we de deur van Bobs logeerkamer achter ons dichttrokken, leken we allebei nog even te aarzelen. Ik sprak het uit. “We kunnen nog terug...” Boris’ zoen trok me definitief over de streep. Mogelijk vertroebelde mijn licht aangeschoten-zijn eventuele kleine onvolkomenheden, maar alles klopte.

Hoe hij mij al zoenend op het bed duwde terwijl hij mijn blouse losknoopte (ik dacht dat dit alleen in films soepel kon), hoe hij naar me keek toen ik naakt naast hem lag en hoe we alsof we het al jaren samen deden voor de allereerste keer seks hadden. Toen ik klaarkwam moest ik huilen. Ik schrok ervan, Boris niet. Ik hoefde niet uit te leggen waarom, hij hield me vast tot het over was. En zo zijn we, denk ik, in slaap gevallen.

Woensdag

“Spreek je hem vaak? Zie je hem nog weleens?” Wie deze ‘hem’ in Pauls vraag is, is meteen duidelijk. Boris. “Zien niet. Heel af en toe spreken we elkaar.” Ik gooi het er als een professioneel leugenaar uit. “Hoe af en toe is af en toe?” Moeiteloos vervolg ik: “Nou, de laatste keer was twee weken geleden of zo. Het gesprek duurde hooguit vijf minuten, ik wilde alleen even een korte update van zijn gevoel.”

Paul zwijgt en ik zie aan hem dat hij ook die gelogen vijf minuten liever niet heeft. “Het gaat wel oké met hem, kreeg ik de indruk,” zeg ik zo vaag mogelijk, alsof ik eigenlijk amper nog aan hem denk.
“Mooi zo. Ik zal ’m even bellen, kijken of hij morgen avond kan squashen.” Ik hou er een heel ongemakkelijk gevoel aan over.

Donderdag 

“Ja, en nu staan ze dus samen op de squashbaan!” Bob schiet in de lach. “Nou meid, lekker toch, dat ze naast jou ook hun hobby delen?”
“Ja, lach jij maar. Wat als Paul hem uithoort?” “Dat doet hij niet, je kent hem toch? Maak je niet zo druk. Moet ik bij je langskomen met een filmpje?”
Afleiding... dat kan ik wel gebruiken. “Ja, graag!”

Gerelateerde onderwerpen