Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

eigen foto
Marjolein kookt over

Heerlijk eten, maar wat een teringherrie...
Wat is jouw grootste restaurant-ergernis?

journaliste

Marjolein Hurkmans

E

Een beroerde akoestiek. Marjolein vindt het een reden om niet meer terug te gaan naar een restaurant, hoe lekker de satésaus er ook is. Ze is benieuwd naar wat onze lezers nog meer ergert tijdens het eten buiten de deur.

Het zit erop: twee jaar MBO afgesloten met een cijferlijst met meer tienen erop dan ik in mijn hele schoolcarrière heb gehaald. Dat moet gevierd worden. Niet met champagne, maar met cider. Jongste drinkt bij voorkeur geen alcohol. En omdat frisdrank toch net iets minder feestelijk is in een flute dan iets sprankelends met bubbels, dan doet hij voor de vorm wel een slokje appelcider. Eentje dus, om te proosten.

Daar moet je als ouder niet over zeuren. Een kind met tienen op zijn cijferlijst, inmiddels de nix-leeftijd gepasseerd bij wie je dus nooit bang hoeft te zijn dat ie ergens comazuipend in de goot is beland. Doe ik dan ook niet. Ik ben beretrots op die kleine kabouter die inmiddels twee koppen groter is dan ik.

Overheerlijke satésaus

We gaan het vieren bij een nieuw Indonesisch restaurant in Haarlem. Van een kok die zijn strepen meer dan verdiend heeft. Voorheen zat er in het pand een ginclub waar ik nooit naar binnen durfde. Tegenwoordig zwaait Ron Blaauw de scepter en dat is te proeven.

Voor sommige dingen kan een mens me wakker maken. Ik at ooit zwezerik in calvados, misschien wel 25 jaar geleden, en ik droom er nog weleens van. Net als van de coquilles in saffraansaus die ik op mijn bordje kreeg in een verder onooglijk wegrestaurant in Frankrijk. Memorabel.

En dat geldt dus ook voor de satésaus van Ron. Een vleugje geparfumeerd. Ik kan er de vinger niet op leggen, maar er zit iets in die saus waar ik zielsgelukkig van word. Net als van de atjar. Ik maar denken dat die gemaakt dient te worden van wortel en kool. Ron gebruikt hele andere groenten. Ik eet het bakje schoon leeg.

Wat een herrie!

Minder blij word ik van de akoestiek. Het restaurant is gevestigd in een grote ruimte. Iets te groot. Van een intieme sfeer is geen sprake. En het is er dus een teringherrie. Ik kan woordelijk de gesprekken volgen van een groep vriendinnen een tafel verderop. En het oudere echtpaar dat iets uit te praten heeft, hoeft ook niet te rekenen op enige privacy. Kletterend bestek, stoelen die verschoven worden, het gerinkel van glas… Het klinkt allemaal even luidruchtig.

Geef het plafond maar de schuld

"Komt door het plafond," zegt Lief - die bouwkundig onderlegd is - als ik mezelf hardop afvraag of het probleem niet opgelost zou kunnen worden met een wollig vloerkleedje en wat dikke gordijnen op strategische plekken. "Dat plafond is niet gemaakt om een eetzaal te overspannen." 

Met het oog op de satésaus - want als iemand die zo kan maken, verdient hij het beste - vraag ik plaatsvervangend een bouwkundig adviesje. "Ja natuurlijk is het op te lossen," zegt de vader van mijn kinderen. "Maar daar hangt een prijskaartje aan van zo’n 250 euro per vierkante meter."

Wat is jouw grootste ergernis?

Geen idee hoe groot die tent is. Ik ben niet goed in schatten, maar ik denk dat we hier dus wel over een paar ton praten. Hoeveel satésaus moet zo’n man maken om dat bij elkaar te schrapen? Toch denk ik dat dat het waard is.

Een beroerde akoestiek vind ik persoonlijk zo ergerlijk dat het me ervan weerhoudt nog een keer in zo’n restaurant te gaan eten. Net als onbeschofte obers, gillende kinderen en margarine in het boterkuipje in plaats van roomboter staat dat in mijn top tien van restaurantergernissen.

Eigenlijk ben ik ook wel heel nieuwsgierig naar wat jullie grootste ergernissen zijn. Maken we daar volgende week een fijne top tien van. En als iemand een goed recept heeft voor satésaus en atjar, is dat ook welkom. Je kunt het kwijt op de Facebookpagina marjoleinkooktover