Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Jonge advocaten overleggen
Foto: Martelly | Hollandse Hoogte
De Urenfabriek

De Urenfabriek deel 6:
Bijles

Redactie VROUW

I

In deel 6 van De urenfabriek lees je hoe Felice, samen met vriendin Anne, de trainingscursus voor advocaat-stagiaires doorstaat.

Alle advocaat-stagiaires zijn verplicht om tijdens hun stage de beroepsopleiding te volgen van de Nederlandse Orde van Advocaten, gevolgd door de Voortgezette Stagiaire Opleiding. Gelijktijdig met de beroepsopleiding start het eenjarige programma Law Firm School.

Dat is een speciaal opleidingsinstituut, ontwikkeld door veertien grote advocatenkantoren. Daar krijgen we onderwijs op het hoogste niveau. Bij elkaar duurt de vakopleiding drie jaar. Alleen wie slaagt, mag zich zelfstandig vestigen als advocaat. Je kunt pas beginnen aan de beroepsopleiding wanneer je bent beëdigd als advocaat bij de rechtbank en kennis hebt gemaakt met de Deken2. De beëdiging was leuk: met zo’n dertig advocaten van diverse pluimage werden we in de rechtbank Amsterdam beëdigd in toga.

Ik moest beloven dat ik geen zaken zal aanraden of verdedigen die ik niet rechtvaardig acht. Sindsdien sta ik ingeschreven op het tableau van rechtbank Amsterdam. Ik, Felice Jansen! Mijn ouders mochten mee naar de beëdiging, ze waren apetrots. Nadien hebben we nog een borreltje gedaan bij Blick & Bleecker. Ik kon zien dat mijn moeder onder de indruk was van het imposante kantoor en dat mijn vader genoot van de gratis champagne. Anne en ik zijn tegelijk beëdigd, haar ouders konden er helaas niet bij zijn. Mijn vader heeft een tijdje met haar gesproken: ‘Die Anne is een leuke meid.’ Met Ria konden ze helaas niet kennismaken, zij had die middag een belangrijke bespreking buiten de deur. 

Anne en ik zijn vandaag begonnen met de beroepsopleiding. We volgen een tweedaagse cursus in een groot hotel, met een hoog Van der Valk-gehalte. De tweedaagse doet me een beetje denken aan de introductiecursus bij Blick & Bleecker, alleen mogen we nu casual gekleed komen. Het conferentieoord ligt midden in de bossen, de vogeltjes fluiten, we zijn hier weg van de wereld. Vroeger was dit een toevluchtsoord voor christelijke studenten. En het is ook nog een tijd gebruikt door de NSB, wist Ria mij te vertellen. Nu komen hier trainees van allerlei bedrijven en overheden. Lekker rustig. We beginnen met de gedragsregels van de advocaat. De belangrijkste les: advocaat ben je altijd en overal. Ook bij je familie. Ook in de kroeg. Ook met een slok op. Gedraag je ernaar! Makkelijk gezegd.

Het is grappig om advocaat-stagiaires van concurrerende kantoren te ontmoeten. Joris heeft mij de wildste verhalen verteld over deze cursus in het bos. Advocaten die hier de opleiding volgen, slaan helemaal door. Eerst tikken ze in de bar liters drank achterover, daarna slopen ze hun hotelkamer. En elkaar. Ik kan het me nauwelijks voorstellen. Zeker niet omdat dat haaks staat op de regel die we net hebben geleerd: altijd en overal advocaat blijven. Ook in de kroeg. Misschien bestaat er een uitzondering op deze regel voor advocaten onder elkaar? Ik ben erg benieuwd en een beetje benauwd.

Anne en ik zijn supersaai. Onze eerste maanden op kantoor hebben ons zo uitgeput, dat we liever tv-kijken op onze hotelkamer dan ons laten vollopen aan de bar. Goh, ben ik echt zo veranderd sinds mijn studententijd? Toen greep ik iedere gelegenheid aan om te feesten. Gelukkig wil Anne ook liever chillen op de kamer, anders had ik me een suffe muts gevoeld. We kijken naar Grey’s Anatomy. Het ziekenhuiswereldje in de dokterssoap lijkt wel een beetje op B&B: die coassistenten werken ook dag en nacht. En het is er net zo hiërarchisch. Op wie lijk ik? Een beetje op Meredith. Die zeurt ook altijd, ze is namelijk erg gevoelig. Anne is meer een Cristina Yang, een gedreven chirurg in opleiding, maar dan stukken knapper. Wie lijkt op Ria? Dokter Bailey misschien? Maar die is veel eerlijker, rechtvaardiger en grappiger dan Ria. En kleiner en dikker.

Anne droomt weg bij dokter McSteamy, de plastische playboy, ik bij hersenchirurg McDreamy met de vochtige ogen. Grappig.

‘Ik heb wel weer zin in een vriend,’ verzucht Anne.
‘Hoe lang ben je al vrijgezel?’
‘Nou, als je losse scharrels niet meetelt, alweer twee jaar.

Daarvoor heb ik vijf jaar een relatie met Bastiaan gehad. Op het laatst werd hij meer een broer voor mij. Superlief en gezellig, maar de spanning was eraf. Hij werkte bij de gemeente, dat was nog tot daaraan toe, maar hij kon er slecht tegen dat ik zo ambitieus ben, noemde me ‘nerdje’. Nou, dat trok ik dus niet meer. Ik wil een man die mij stimuleert om mijn dromen waar te maken. Na vijf jaar heb ik Bastiaan opgezegd. En al zijn we nu twee jaar uit elkaar en heeft hij inmiddels een nieuwe vriendin, als ik wil komt ie zo weer aangerend,’ besluit Anne met enige voldoening in haar stem. Interessant dat ze ook zo’n bitchy kant heeft, dat heb ik niet eerder bij haar gezien. Zou ze mijn Twitter-project leuk vinden?

‘En hoe ziet jouw liefdesleven eruit?’ vraagt Anne.

‘Niet best. Ik heb twee relaties gehad. Allebei met mannen die vreemdgingen. Iedereen wist het, behalve ik. Sindsdien ben ik een beetje voorzichtig geworden. Mijn ouders zijn zo gelukkig samen, mijn vader doet alles voor mijn moeder. Ik ging ervan uit dat alle mannen zo in elkaar staken. Inmiddels weet ik beter. Een man moet mij het hof maken. En ik ben niet van plan om de eerste drie maanden met hem naar bed te gaan. Als hij dan nog steeds interesse heeft, wil ik er wel over denken. Nadat hij een soatest heeft gedaan, dat wel.’

Deze strategie heeft succes. Ik ben nu al anderhalf jaar de ‘panda’, zoals ze dat noemden in mijn studentenhuis. Degene die het langst geen seks heeft gehad, is de panda, omdat panda’s bijna nooit seksen: gemiddeld eens in de acht jaar komt het ervan. Dat van die anderhalf jaar vertel ik natuurlijk niet aan Anne. Lekker gênant. Mijn seksleven gaat niemand wat aan.

De volgende dag leren we onze klas kennen. Zo’n vijfentwintig groene advocaten van grote kantoren bij elkaar. De focus ligt bij onze kantoren op ondernemingsrecht, dus daar is het programma op ingericht. Er zitten veel vlotte types bij, best knappe jongens eigenlijk. Maar de meesten stralen een enorme zelfingenomenheid uit, daar heb ik niks mee. Vette haren in een matje, open hemd, overdosis aftershave. Ze schreeuwen ook allemaal zo. Hoeba hoeba, you Jane, me first. Waarom moeten ze zich zo bewijzen?

In de pauze doen verhalen de ronde over hoeveel sommige collega’s gisteren hebben gedronken. Comazuipen is cool, kennelijk. En wie er allemaal met elkaar hebben getongd. Ben ik even blij dat we veilig op de hotelkamer zijn gebleven. Stel je voor dat je met iemand in de koffer duikt bij wie je nog een jaar in de klas moet zitten. Ik moet er niet aan denken!

Voortaan hebben Anne en ik iedere woensdag opleiding. De hele woensdag. We krijgen les in onder andere strafrecht, bestuursrecht en mediation. Naast de opleiding is er de Jongebalieborrel op donderdagavond in café Wildschut, speciaal voor advocaat-stagiaires om elkaar nóg beter te leren kennen. En aan het eind van elk trimester zijn er tentamens. Daar kan ik nu al gestrest van worden. Hoe gênant is het als ik, die er prat op gaat nog nooit te zijn gezakt voor een tentamen, ineens zou falen? Ria zou me zo’n debiel vinden. Ik probeer niet in paniek te raken. De eerste tentamens zijn nog drie maanden weg. In de tussentijd komt er vast nog van alles voorbij dat meer paniekprioriteit verdient. Loslaten dus, die tentamens. Leef liever in het Nu. Zennnnnnnnnn! 

De Deken is het opperhoofd van de Nederlandse Orde van Advocaten. 

Over de auteur

Fleur Brockhus is ex-advocate en schrijver van romans De urenfabriek, Juffrouw Holle - sprookje voor de moderne vrouw en De inspiratiepraktijk. Daarnaast blogt zij over een bloeiend leven op fleursfinest.com en schrijft ze o.a. columns voor Advocatie.nl. Fleur woont met haar man en drie zoontjes in Blaricum.

Volgende week lees je hoe het verder gaat met Felice.

Gerelateerde onderwerpen