Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Nettie van Wijk
Foto: Maarten Verbaarschot
Doorbroken taboe

Netties ouders zijn gehandicapt:
Vooral mijn moeder was gewelddadig

Freelance journalist

Marjolein Geels

N

Nettie van Wijk (47) groeide op met een verstandelijk beperkte moeder en een vader met spasme. Nettie heeft zich altijd voor haar situatie geschaamd. Maar nu vindt ze het tijd dat het onderwerp uit de taboesferen komt.

"Het eerste wat in mij opkomt als ik aan vroeger denk is agressie. Vooral mijn moeder was erg gewelddadig naar mij toe. Dat werd erger toen ze doorkreeg dat ik slimmer was dan zij. Al op de basisschool oversteeg ik haar in mijn doen en laten.

Smijten

Mijn moeder kon de hele dag over de vaat doen, terwijl ik dat in een paar minuten had gedaan. Ze vond het irritant dat ik beter kon voorlezen dan zij, want zij haperde altijd maar wat. Mijn vader kreeg door dat ik meer bij de tijd was dan mijn moeder, met als gevolg dat hij voortaan zijn hart bij mij luchtte.

Mijn moeder zag mij daarom als bedreiging en werd stikjaloers. Die jaloezie zette ze vrijwel altijd om in agressie. Ik kan de keren niet meer tellen dat mijn moeder mij op de grond smeet. Want dat was het, smijten.

Narcistisch

Als ik op de grond lag, ging ze bovenop mij zitten. Sloeg ze me waar ze kon, bonkte ze mijn hoofd op de stenen vloer en trok ze aan mijn haren. Pure onmacht; ze wist niet hoe ze met mij moest omgaan.

Mijn vader heeft spasme. Daar is hij vroeger veel mee gepest. Hij kon niet meekomen met zijn leeftijdsgenootjes. Als zij gingen voetballen, stond mijn vader aan de zijlijn. Hierdoor is hij waarschijnlijk flink getraumatiseerd, maar daar zei hij nooit wat over. Hij heeft naast spasme geen andere diagnose, al kan hij heel narcistisch uit de hoek komen.

Gekoppeld 

Mijn ouders hebben elkaar ontmoet via mijn vaders collega en zijn vrouw. Achteraf gezien is het een ontzettende foute match geweest. De ouders van mijn moeder zagen dat ook in. Ze hebben zelfs mijn vader gewaarschuwd dat mijn moeder nooit als volwaardige zou kunnen spreken.

Mijn vader trok zich daar weinig van aan. Toen ze trouwplannen kregen, hebben mijn grootouders hun handtekening gezet als getuige, waarmee ze hun goedkeuring voor het huwelijk gaven.

Agressief

Misschien waren mijn grootouders ergens wel blij dat hun dochter nu onder de pannen was. Mijn moeder is namelijk het tiende kind uit een gezin van vijftien kinderen. Thuis was ze agressief naar haar jongere broertjes en zusjes.

Haar oudere broers en zussen liet ze met rust. Mijn moeder was de enige met een verstandelijke beperking, dus waarschijnlijk gaf het mijn grootouders ook rust dat mijn moeder uit huis ging.

Onvruchtbaar

Toen mijn ouders getrouwd waren, was een 'logische' volgende stap dat ze kinderen zouden krijgen. Ze woonden in de 'Biblebelt' en iedereen om hen heen kreeg om de haverklap kinderen. Mijn ouders niet.

Mijn moeder leek onvruchtbaar. Jammer genoeg zagen mijn ouders dit niet als 'teken van God'. Ze wilden meedoen met 'de rest' en zouden koste wat het kost kinderen krijgen.

Gynaecoloog

De huisarts, die nota bene wist van de geestelijke gesteldheid van mijn moeder, zorgde voor een verwijzing naar de gynaecoloog. Daar werd ervoor gezorgd dat mijn moeder alsnog kinderen kon krijgen: er volgden vier kinderen in vijf jaar tijd, waarvan ik de oudste ben.

Toen ik 4 jaar was, is mijn jongere broertje overleden. Hij had pseudo-kroep, een bacteriële infectie aan de luchtwegen waardoor hij altijd ernstig benauwd was. In de minuut voordat hij stierf door verstikking zag ik nog de angst in zijn ogen.

Zwangerschapsvergiftiging

Ik kan het mij nog goed voor de geest halen; mijn moeder was op het moment van zijn overlijden zwanger van de vierde. Dat kindje stierf een paar maanden later in haar buik door zwangerschapsvergiftiging.

Ik ben heel boos geweest over het feit dat mijn moeder überhaupt kinderen heeft gekregen. Dat komt vooral omdat medici een ingreep hebben gedaan die in mijn ogen niet goed was.

Pleeggezin

Hadden mijn ouders maar naar de natuur geluisterd, in plaats van naar wat de omgeving van hen dacht. Het is natuurlijk tegenstrijdig om te zeggen dat mijn ouders nooit kinderen mochten krijgen, want dan was ik ook nooit geboren.

Op mijn 15e ben ik bij een pleeggezin gaan wonen. Maar mijn problematiek was te heftig voor ze, dus moest ik daar weer weg. Hetzelfde gebeurde bij het pleeggezin waar ik daarna terecht kwam. Tussendoor heb ik veel gelogeerd bij kennissen en vrienden.

Eigen woonplek

Vier jaar later had ik voor het eerst een eigen woonplek. Pas toen besefte ik hoe opgebrand ik was. Toch ging ik door met mijn leven en begon ik aan de Pabo.

Daar werd ik keihard geconfronteerd met mijn jeugd: ik leerde daar alle basisbehoeften die een kind nodig heeft. Allemaal basisbehoeften die ik nooit had gekregen.

Brand

De zogenoemde druppel was toen er brand uitbrak in mijn studentenwoning. Ik was hierdoor bijna gestikt en dat was zó confronterend. Mijn stikkende broertje kreeg ik niet meer van mijn netvlies af.

Daarbij raakte ik ook nog eens al mijn bezittingen kwijt en bleek ik niet verzekerd te zijn. Na vier maanden stortte ik in. Uiteindelijk ben ik opgenomen in een psychische opvang.

Hersentumor

Daar begon het leven mij weer een beetje toe te lachen. In die periode leerde ik mijn eerste echtgenoot kennen, maar al gauw werd er bij hem een kwaadaardige hersentumor ontdekt. Na zes jaar - ik was toen 27 jaar - overleed hij. 

Mijn echtgenoot en ik hadden geen kinderwens. Toch begon het rond mijn dertigste te kriebelen; een eigen kind vond ik toch wel spannend. Maar toen kwam er plotseling een jongetje op mijn pad. Zijn moeder was voor zijn neus vermoord toen hij 11 maanden was.

Bijzonder kind

Hij is toen bij zijn opa en oma gaan wonen, maar dat ging niet goed. Ik ben toen langere tijd nauw betrokken geweest bij dit gezin en heb voor dit bijzondere kind mogen zorgen. Hij heeft niet bij mij in huis gewoond, maar ik heb hem wel een hele hoop liefde kunnen geven.

Mijn kinderwens bleef, maar ik werd ook ouder en had geen partner. Ik had mijzelf voorgenomen dat als ik iemand voor mijn veertigste zou ontmoeten met een kinderwens het nog zou kunnen. Diegene moest er dan wel voor de volle honderd procent voor gaan.

Instelling

Op mijn 36e leerde ik mijn huidige echtgenoot kennen. Hij had al kinderen en had geen kinderwens meer. Dit heb ik geaccepteerd en ik heb toen mijn kinderwens laten varen.

Met mijn ouders heb ik jarenlang geen contact gehad. Ze zijn inmiddels uit elkaar, maar niet officieel gescheiden. Mijn vader woont nu alleen en mijn moeder woont inmiddels in een instelling voor verstandelijke beperkten.

Erkenning

Ik heb nog altijd geen contact met mijn vader, omdat ik niet meer met hem kan dealen. Mijn moeder heb ik afgelopen voorjaar voor het eerst sinds 25 jaar weer gezien. Dat weerzien was heel gek, maar ook goed. Nu ze in een instelling zit is dat ook een soort van erkenning.

Het opgroeien bij mijn ouders heeft littekens achter gelaten. Ik heb veel psychische hulp gehad. Daarbij hebben mijn hersenen een beschadiging opgelopen door de zware mishandelingen uit mijn jeugd.

Breinuitputting

Recentelijk is er bij mij ernstige breinuitputting gediagnostiseerd, dat heeft een grote impact. Ik ben vrijwilliger bij de werkgroep Kinderen van Verstandelijk Beperkte Ouders. Daar geef ik voorlichting aan hulpverleners over hoe te handelen bij deze gezinssituaties.

Op die manier probeer ik kinderen te helpen die in een soortgelijke situatie opgroeien als ik. Een medevrijwilliger zegt altijd heel mooi: 'Ik heb levenslang gekregen, maar dan zonder delict te plegen.' En zo voelt het inderdaad."

Jij op VROUW.nl

Wil jij ook verhaal vertellen?

Dan kan dat hier...