Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

In het nieuws

Hulp na traumatische bevalling: 'Ik kon
alleen maar huilen als ik over Flynns geboorte sprak'

journaliste

Hester Zitvast

R

Rosanne Woudstra (25) heeft aan haar zware bevalling een trauma overgehouden en onlangs besloot ze professionele hulp in te schakelen. Daarin is ze niet de enige. Uit onderzoek van het UMCG blijkt dat jaarlijks ruim 2000 vrouwen na hun bevalling met een post traumatische stressstoornis te maken krijgen.

Reuzenbaby

"Ik had niet echt een heel fijne zwangerschap. Alle kwaaltjes die je kunt krijgen, die kreeg ik. Tegen het einde van de negen maanden kon ik niet meer. Daarbij hadden ze in het ziekenhuis gezien dat ons kindje flink voorliep qua groei, wel vijf weken. Ik zou de 40 weken niet volmaken, zei de gynaecoloog, anders zou ik moeten bevallen van een reuzenbaby. Later werd dit herzien en moest ik toch de 40 weken volmaken. Heel vervelend als je nog geen vijf minuten op je benen kunt staan en alleen nog maar in een rolstoel je huis kunt verlaten."

Vier ruggenprikken

Twee dagen voordat Rosanne is uitgerekend, wordt ze dan toch ingeleid. "Ik kreeg een ballon en later gel ingebracht om de bevalling op gang te helpen. En ik moest veel bewegen, dat zou helpen. Zaterdag braken rond 13.00 mijn vliezen en direct daarna kwamen de weeën op gang. Om de anderhalve minuut had ik een wee die 50 seconden duurde. Na 3,5 uur had ik drie centimeter ontsluiting. Ik wilde bewegen, maar vanwege alle meetapparatuur moest ik op bed liggen. Dat vond ik verschrikkelijk." Rosanne vraagt om een ruggenprik en na drie keer misprikken, is het de vierde keer raak.

 

Persen op eigen kracht

"De ruggenprik werkte en dat voelde super! Om tien uur 's avonds had ik volledige ontsluiting, de ruggenprik werd voor de helft uitgezet en we wachtten op de persweeën. Maar die kwamen niet, alleen de ontsluitingsweeën waren weer terug… De verloskundige stelde voor de ruggenprik helemaal uit te zetten; misschien zou dat de persweeën op gang krijgen. Dat zag ik niet zitten; ik had nu al zoveel pijn. Ik mocht zelf, op eigen kracht, gaan persen en dat voelde als een opluchting. Eindelijk kon ik iets anders doen dan uren passief de pijn opvangen."

Spektakel

Rosanne doet tweeënhalf uur haar uiterste best, maar er gebeurt helemaal niets. Ze is op. "Het voelde als falen. Het lukte me gewoon niet. De gynaecoloog concludeerde dat het hoofdje van ons kind schuin lag en dat ik het er ook niet uit kon persen. Het zou of een keizersnede of een vacuümverlossing worden. Hij koos voor dat laatste. Ineens was het een heel spektakel in de verloskamer. Verpleegkundigen drukten op mijn buik en de gynaecoloog trok met volle kracht aan de pomp. Ik moest mijn kin op mijn borst houden en meepersen, waardoor ik vol zicht had op hoe hij daar stond te trekken."

Hij huilde niet

"Ik was in paniek. Ik had zoveel pijn, het voelde alsof mijn hele lichaam uit elkaar getrokken werd. Ik dacht dat ik dood zou gaan. Het beeld van die gynaecoloog die aan ons kindje trok, was zo heftig. Ik heb zes, zeven keer mee geperst en toen werd om 05.19 uur onze zoon geboren. Flynn. Ik kreeg hem heel kort bij me en zag alleen maar een knalrood kindje dat volledig onder het bloed zat. Hij huilde niet. Verder kan ik me weinig van dat moment herinneren."

Lieve assistente

Flynn wordt overgedragen aan de kinderarts en Rosanne's man gaat met hem mee. Rosanne blijft in shock achter. De bevalling is nog niet afgerond, maar de placenta komt niet los. 'Ik moet je even heel erg veel pijn doen', waarschuwde de gynaecoloog. Rosanne: "Daar raakte ik van in paniek. Ondanks dat de herinneringen vaag zijn, is die zin me helder bij gebleven. Er werd heel hard op mijn buik gedrukt, geduwd en geknepen, maar de placenta bleef zitten. Ik moest geopereerd worden."

Als Rosanne dat hoort, begint ze te huilen. Haar man weet niet waar ze is, ze weet niet hoe het met hun kindje is en dan ook nog een operatie. Het wordt haar te veel. "Ik ben normaal altijd een heel opgewekt persoon, maar ik trad buiten mezelf. Ze mochten mij van de wereld halen, ik wist het niet meer." Ze wordt opgevangen door een lieve anesthesie-assistente en snel onder narcose gebracht. Een klein uurtje later wordt ze wakker op de uitslaapkamer. Alleen.

Intens schuldig

"Ik lag in een vreemde kamer en zag niemand. Ik riep maar 'Hallo, is daar iemand?'. Ik was er van overtuigd dat ik alleen lag omdat er iets niet goed was met Flynn. Ik was doodsbang. Na een paar minuten kwam er iemand van de verpleging bij mij en werd mijn man gehaald. Hij vertelde dat alles goed was met onze zoon. Het ergste vind ik dat ik niet meer weet wanneer ik Flynn voor het eerst echt heb gezien. Ik was zo slap, ik had veel bloed verloren; ik was te moe om mijn ogen open te houden, laat staan om hem vast te houden. Ik wilde borstvoeding geven, maar kon dat niet alleen. Gelukkig ben ik goed geholpen en is dat uiteindelijk wel gelukt."

Vier dagen na Flynns geboorte mogen moeder en zoon naar huis. "Ik durfde mijn ogen niet te sluiten om te slapen, omdat ik dan direct de beelden van de bevalling haarscherp zag. Ik had nachtmerries en kon alleen maar huilen als ik over mijn bevalling sprak. En ik voelde me zo intens schuldig. Waarom voelde ik me zo rot terwijl ik een gezond kind had? Had ik dan niet genoeg aan Flynn alleen? Hield ik niet genoeg van hem om die bevalling te vergeten?"

Naar de psycholoog

"Ik heb het wat tijd gegeven, misschien zouden de scherpe randjes er vanzelf afgaan. Maar nu, bijna een jaar later, moet ik concluderen dat dit niet het geval is. Ik ben weer de opgewekte en vrolijke Rosanne, maar tegelijkertijd blijf ik er emotioneel onder en dat wil ik niet meer. Ik ben naar mijn huisarts gegaan en heb me door laten verwijzen naar een psycholoog. Mijn huisarts zei dat hij dat steeds vaker meemaakte. Een bevalling kan een post traumatische stressstoornis opleveren; gelukkig durven steeds meer vrouwen voor hun gevoel uit te komen."

Jaloers op een mooie bevalling

Rosanne wil graag een groot gezin. "In die wens laat ik me door deze bevalling niet tegenhouden, maar ik wil voorkomen dat ik een tweede zwangerschap doodsbang inga of misschien wel postnataal depressief raak. Ik zal nooit met een goed gevoel op mijn bevalling van Flynn terugkijken, maar ik moet het wel zien te verwerken. Flynn is bijna één jaar en dat voelt confronterend. Eén jaar geleden maakte ik dit allemaal mee…

Ik kan ook jaloers zijn als ik een vrouw hoor vertellen over haar mooie bevalling. En dan schaam ik me weer voor dat gevoel, want ik gun iedereen het beste. Ik had het zelf ook zo graag zoveel mooier gehad. Ik heb mijn verhaal op mijn blog lifebyrosie.nl geschreven en ik vertel mijn verhaal nu aan VROUW.nl in de hoop dat meer vrouwen met een soortgelijk verhaal hulp zoeken. Een bevalling gaat vaak goed, maar het kan ook anders lopen. En mocht dat gebeuren, zoek dan hulp en besef dan vooral dat dit niets heeft te maken met de liefde die jij voor je kind voelt.”

En, wat vind jij? Laat je horen!