Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Foto: Judith Dekker
Jeffrey Wijnberg

'Doe maar net alsof je de
beste psycholoog van Nederland bent'

psycholoog

Jeffrey Wijnberg

E

Elk jaar neem ik examens af bij aspirant-psychologen. Elk jaar hoop ik maar één ding, namelijk dat ik niemand hoef te laten zakken. Ook als docent geeft het een belabberd gevoel om een jongeling te moeten afwijzen. Voor het zover is, komt een enkele student mij persoonlijk spreken om een laatste aanwijzing in ontvangst te nemen. Steeds vaker zeg ik: "Doe maar net alsof je de beste psycholoog van Nederland bent."

Nu lijkt dit wellicht een absurd advies, simpelweg omdat al die snotapen nog nat achter de oren zijn. Maar de Engelse variant ’fake it untill you make it’ bevat wel degelijk een belangrijke kern van waarheid. Het doen-alsof-je-de-beste-bent maakt dat je je zelfverzekerder gaat gedragen en dat je houding in een positieve stand staat.

Onbewust zal het brein vooral op zoek gaan naar alles wat je wel weet, in plaats van je blind te staren op wat je niet weet. Mijn advies aan de aspiranten is al helemaal niet verkeerd als je bedenkt dat alles wat de mens leert altijd begint met ’doen alsof’. Of je nu voor het eerst leert fietsen, voor het eerst met iemand zoent, voor het eerst een sjaal gaat breien of voor het eerst een voordracht geeft, het vertrekpunt is dat je je moet verbeelden dat je de fietser, de zoener, de handwerker en de spreker al bent.

Zou je het omgekeerde doen, namelijk doen alsof je niet bent wat je doet, dan ben je bij voorbaat behoorlijk kansloos. 

Bluffen

Met andere woorden, het doen-alsof is gewoon goed bluffen: voorwenden alsof je al jaren niets anders doet dan wat je aan het doen bent en daar ook nog een prachtige prestatie bij neerzetten. Een kleine variant hierop heb ik zelf weten te volbrengen tijdens mijn eigen studietijd: een belangrijk onderdeel van de studie (gedragstherapie voor gevorderden) was al volgeboekt en ik besloot om toch bij de eerste bijeenkomst te gaan zitten alsof ik mij wel op tijd had ingeschreven.

Toen de namen werden voorgelezen en die van mij er (uiteraard) niet bij stond, zei ik verontwaardigd: ’Zal wel weer een administratieve fout zijn’, waarop de docent zei: ’Ach ja, dat komt zo vaak voor’. De administratieve fout is natuurlijk nooit gevonden, maar niemand twijfelde aan mijn (onrechtmatige) aanwezigheid.

Ook tijdens dit studieonderdeel was ik haantje de voorste en tijdens één van de koffiepauzes zei de docent: ’Dit vak lijkt je op het lijf geschreven’, waarop ik antwoordde: ’Ik voel me al therapeut voordat ik het officieel ben’. De rest is geschiedenis.

Victorie

Veel examenkandidaten zullen de komende weken stijf staan van de stress. En dat is begrijpelijk. Want, het is erop of eronder; zwart of wit. Een tussensmaakje is er niet. Desondanks kan iedere kandidaat wel net doen alsof het examenlokaal de plek is waar de victorie begint. Vooral dan zal het geluk je toelachen.