Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Vrouw in de badkamer
Leven van een stewardess

Deel 61: 'Ik liet de politie binnen
en vertelde over Dirk'

D

"Doe alsjeblieft open! Ik weet dat je er bent!" Dirk belde niet alleen doorlopend aan, hij bonsde op de deur schreeuwde er nu ook bij. "Waarom stuur jij Robin op mijn dak!" Hij schold me ook nog voor alles uit. Sandra en ik zaten doodstil in mijn badkamer. "Wat is er aan de hand, wie is Robin?", fluisterde Sandra. "Zal ik de politie bellen?"

Mijn hart klopte in mijn keel. Wat moest ik doen? Met een handdoek om me heengeslagen en mijn haar nog vol shampoo stond ik samen met mijn vriendin in de badkamer. Zou Dirk de deur intrappen? Hij leek me niet het type, maar ik had me al eerder enorm in hem vergist.

Gewist

Ineens stopte het gebonk en geschreeuw. Ik hoorde in de kamer naast ons mijn telefoon op het nachtkastje trillen. Wat een geluk dat ik het geluid uitgezet had. Ik sloop op mijn knieën door de hal naar mijn slaapkamer. Sandra volgde me. 

"Ik bel de politie!", siste San. "Wacht nog heel even", gebaarde ik. Met trillende vingers pakte ik mijn telefoon. Ik herkende Dirks nummer. Want hoewel ik hem, op verzoek van Robin, uit mijn contactlijst had gewist, kende ik zijn nummer nog uit mijn hoofd. Ik vond het nummer van Robin en belde hem. Gelukkig nam hij op.

Politie

"Dirk staat voor mijn deur te brullen, wat moet ik doen?" Sandra keek me vragend aan. 'Wie is dat?', fluisterde ze. Ik gebaarde haar stil te zijn. "Wat moet ik doen?", vroeg ik nogmaals aan Robin. "Bel de politie. Zeg dat je lastiggevallen wordt." Het was niet de reactie die ik van Robin verwacht had. Maar ergens luchtte het me ook op.

Hij verbrak de verbinding. Ik toetste 112 in, legde uit dat er een gevaarlijke idioot voor mijn deur stond en werd doorverbonden met de politie. Ondertussen was het beneden voor de deur angstvallig stil. Maar ik durfde niet door het raam te kijken of die mafketel er nog stond. Misschien dacht hij dat ik toch niet thuis was?

Zeephaar

"Wat is uw noodgeval?", vroeg een vriendelijke mannenstem aan de andere kant van de lijn. Nogmaals legde ik uit dat er een gek voor de deur stond te gillen en dat ik bang was dat hij me iets zou aandoen. Ik zei dat het de laatste twee minuten stil was, maar dat ik niet zeker was of hij weg was. "We sturen iemand langs."

Sandra fluisterde dat de taxi ook over een minuut of tien voor de deur zou staan. Ondertussen had ik een joggingbroek en een trui aangetrokken. Mijn shampoohaar liet ik maar even voor wat het was. We hoorden een autodeur slaan en een motor starten. Zou Dirk wegrijden? Of was het een van de buren?

Cocaïnesmokkel

Ik kroop naar het raam en gluurde naar buiten. Nog net zag ik de achterkant van het blauwe volkswagentje van Dirk de hoek omdraaien. Ik slaakte een zucht van opluchting. Weg was die gek. Samen met de taxi arriveerde de politie. Sandra legde de taxichauffeur uit dat het nog wel even ging duren maar hij vond het geen probleem om te wachten.

Ik liet de politie binnen en vertelde over Dirk. Dat het mijn ex-vriend was en dat hij me lastigviel. Mijn bedenkingen over zijn connectie met Irma hield ik voor mezelf. Maar Sandra was het daar niet mee eens. "Die man is gevaarlijk en volgens mij betrokken bij een fikse cocaïnesmokkel vanuit Suriname. Jullie moeten hem maar eens ondervragen."