Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

eigen foto
Marjolein kookt over

'Kunnen we niet gewoon
van elkaar houden?'

journaliste

Marjolein Hurkmans

H

Hij is dertig, vertelt hij. En pas twee jaar uit de kast. Dat verbaast me. Ik zat tegenover hem aan de tafel waarop talloze heerlijke recepten waren uitgestald uit het nieuwe boek van Menno de Koning (het leukste kookboek van het jaar!) en ik heb geen seconde gedacht dat hij op vrouwen zou vallen.

De mimiek, de manier van praten; misschien komt het omdat mijn zoon homo is, maar mijn gaydar draaide meteen zijn kant op. Dat ie dat 28 jaar lang onder de pet heeft gehouden en dat niemand dat kennelijk doorhad, vind ik verbijsterend.

Ik ben niemands zoon

Hij komt uit Iran, gaat hij verder. Het barst er van de homo’s. Hij kent er velen. Maar de families van die mannen en vrouwen willen het niet weten. Dat geldt ook voor zijn achterban.

"Het heeft me zolang dwars gezeten. Ik leidde twee levens. Een voor mijn ouders als de eeuwige vrijgezel en een voor mijn vrienden, die wel wisten hoe het zat en dat prima vonden. Twee jaar geleden had ik er genoeg van. Het was tijdens de Gaypride. Ik ben op een boot gestapt, heb mijn armen gespreid en geroepen: ‘Hier ben ik’. Dat was het begin van leven zoals ik wil leven en het einde van mijn zoon zijn. Met mijn familie heb ik sindsdien geen contact meer."

Bang voor de liefde

Dat het hem zwaar valt, is van zijn gezicht af te lezen. "Ik zou dolgraag verliefd worden," zegt hij, "maar ik durf niet zo goed. Als je afgewezen wordt door je ouders, is het moeilijk om je voor een ander open te stellen. Ik merk dat ik toch altijd weer afstand bewaar. Want in de ogen van mijn ouders, klopt er iets niet aan mij."

"Eigenlijk kunnen we wel stellen dat ik in de rouw ben. Ik rouw om wie ik niet ben: een heteroseksuele man, de zoon die mijn ouders gewild zouden hebben, in de toekomst ooit een vader. Dat is mijn grootste wens: ooit een kind van mezelf. Maar dat komt er nu dus nooit. Dat besef doet pijn."

Platitudes...

Ik verstop mezelf achter platitudes. Dezelfde die ik ooit tegen mijn kind gebruikte, dat 17 was en het ook al zo moeilijk vond om homo te zijn. "Joh, kinderen kun je adopteren. Of je zoekt een leuk lesbisch stel dat ook een kinderwens heeft. Word je samen co-ouders." 

Hij kijkt twijfelend: "Nee, daar worden kinderen niet gelukkig van… Co-ouderschap…" 
"Maar dat moet je anders zien," zeg ik. "Jullie worden dan co-ouders zonder het gedoe. De helft van de kinderen heeft tegenwoordig gescheiden ouders en woont in twee huizen. Maar dan hebben die ouders onderling nog van alles uit te vechten ook. En dat hebben jullie dan niet. Hoe leuk voor zo’n kind…"

Een superhero

Menno zet zijn pièce de résistance op tafel: een waanzinnige taart met geel glazuur afgetopt met regenboogdonuts. Je hebt ooit Heel Holland Bakt gewonnen, of je hebt het niet. Dat schept verwachtingen.

Het nieuwe kookboek heet trouwens Menno’s Superheroes. Ik kijk naar de man tegenover me en realiseer me dat ik er een heb gevonden. Een Superhero die in de hoop op geluk alle schepen achter zich moest verbranden. "Op de liefde," zeg ik terwijl ik met mijn vorkje taart zijn richting op proost. "Ga ervoor, je hebt die moeilijke stap gezet, vanaf nu wordt het alleen maar gemakkelijker."

Zijn het dan alleen mooie woorden?

In de auto luister ik naar Radio 1. Het blijkt de Internationale Dag tegen Homofobie te zijn. Hoe nodig is dat nog? En hoe erg dat het zo is. Twee mannen zijn vandaag in Sumatra veroordeeld tot ieder 85 zweepslagen omdat ze van elkaar houden.

Ik ga Menno’s regenboogkoekjes bakken. Nee, daar liggen ze op Sumatra niet wakker van. En het helpt mijn nieuwe vriend uit Iran niet om zich open te durven stellen voor de liefde, laat staan dat het voorkomt dat twee mannen tot bloedens toe worden geslagen. Maar ik weet het verder ook even niet allemaal. Kunnen we gewoon niet allemaal een beetje meer van elkaar houden en iedereen accepteren zoals hij/zij is? Wereldwijd? Of zijn dat alleen maar mooie woorden om een Songfestival te promoten?

Recept

Menno’s regenboogkoekjes

Nodig: 2 eieren, 150 g kristalsuiker, 2 tl citroenrasp, 295 g boter, ½ tl zout, 1 tl vanille-extract, 400 g bloem, 1 losgeklopt eiwit, voedingskleurstof (pasta) in rood, oranje, geel, groen, blauw en paars. Gekleurde sprinkels die tegen de oven kunnen.

Kook de eieren hard in 10 minuten, laat ze schrikken, pel ze en haal de eierdooiers eruit (de eiwitten gebruik je niet), duw de dooiers door een fijne zeef. Doe de suiker en rasp in een kom en meng dit met je vingers. Klop de boter met de suiker, zout en de dooiers met een mixer tot het geheel luchtig wordt. Voeg het vanille-extract toe en op het laatst de bloem. Kneed met de hand verder tot een soepel deeg. Verdeel het deeg in 6 stukken en kleur het met de voedselkleurstof. Rol iedere kleur tot een reep van 8 x 25 (ongeveer 1 cm dik) en leg ze in folie verpakt in de koelkast. Verwarm de oven voor op 175 graden. Leg de reep paars op het aanrecht en bestrijk met eiwit, leg er de blauwe lap op en bouw zo verder in de volgorde: paars, blauw, groen, geel, oranje, rood. Snijd de zijkanten recht, bestrijk met eiwit en duw het aan alle kanten in de sprinkels. Leg eventueel de hele plak nog even in de koelkast. Snijd met een scherp mes koekjes van ongeveer een halve cm dik. Leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat en bak ze 12 tot 15 minuten in de oven. Goed laten afkoelen zodat ze niet breken.