Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Marjolein kookt over

Op bedevaart naar Italiaans tv-dorp Ollolai
Maar... waar zijn de beroemde bewoners?

journaliste

Marjolein Hurkmans

H

Het dorp ligt er verlaten bij. En dan bedoel ik niet ‘een beetje verlaten’; er is gewoon geen hond op straat. Nog geen oud vrouwtje schuifelt voorbij. Dit is de eerste plek in Sardinië waar zelfs geen bejaarden meer te vinden zijn. Een en al niks. Een brandende zon op een leeg plein, een desolaat fladderend vlaggetje, een café met gesloten deuren. Welkom in Ollolai…

Mijn oudste zoon en zijn vriend hadden een lang weekend Sardinië geboekt. Hij vertelde erover met kerstmis. Mijn moeder sloeg meteen op tilt. Of dat niet het eiland was van Ollolai. Ze had de hele reeks gevolgd vorig jaar.

Onzalig plan

“Och,” zei ze, “zo’n mooi dorpje. Wat zou ik daar graag naartoe gaan.” Afijn, er zat al wat drank ik; de champagnecocktails vooraf, de witte en de rode wijn tijdens het kerstmenu, de likeur bij de koffie. Best wel veel drank eigenlijk. “Mam,” riep oudste met rode konen. “Waarom gaan jullie niet mee? Jij en oma.”

Z’n zus sloot ook nog aan. Alleen Jongste deed of zijn neus bloedde. Maar die is dan ook wars van alles waar alcohol in zit en was dus als enige nuchter genoeg om het een onzalig plan te vinden.

En dan heb je geboekt

Afijn, internet hè. Je verzint een wild plan en vijf minuten later heb je geboekt. Vroeger zou je er eerst een nachtje over hebben moeten slapen. Een dag later, als de kater eenmaal was uitgewerkt, bezag je de boel dan nog eens ontnuchterd opnieuw en daarmee waren dan de meeste wilde plannen meteen een vroege dood gestorven.

Maar in deze moderne tijden, check je na zo’n met drank overgoten kerstbacchanaal de volgende ochtend je mail en denk je: waar komt die reserveringsbevestiging vandaan? Ga ik naar Sardinië? Wanneer dan en met wie?

Enge straatjes

Ik heb in de zomer van 2018 niet alle afleveringen van Het Italiaanse dorp Ollolai gezien. Ik vond het bloedsaai. Maar soms zapte ik er zomaar ineens langs. Ik heb busjes volledig vast zien zitten in smalle steegjes.

“Jongens,” zei ik tegen het gezelschap, “alles leuk en aardig, maar we parkeren onze huurauto wel aan de rand van het centrum hè, voor we die hele Fiat aan gort rijden. Ik heb een enorme borg betaald.” Een verkeerde afslag later was er geen weg meer terug.

Een achtbaan is er niks bij: schuin aflopende straten die zo smal waren dat je de neiging kreeg maar gewoon met je ogen dicht te rijden en er het beste van te hopen, haarspeldbochten door steegjes, doodlopers waarbij keren schier onmogelijk leek…

Schoonzoon zat aan het stuur. Ik kus de grond onder zijn voeten. Hij bracht het er heelhuids van af.

Totaal verlaten

En  waarvoor? Voor een verlaten dorp dus. “Zouden we met de burgemeester op de foto kunnen?”, vroeg mijn moeder. We liepen net langs het gesloten gemeentehuis. “Waar zou het gemeentehuis zijn?”, vroeg ze zich hardop af. “Geen idee,” zeiden we bijna in koor, terwijl we heel hard de andere kant opkeken.

Er reed ineens een auto voorbij. We schrokken er bijna van. Mijn moeder tuurde door het raam in de hoop de bestuurder te herkennen. Zij heeft wel alle afleveringen gezien. “Dat ontwerpstertje vond ik zo leuk,” mijmerde ze. “Echt een leuk stel met die vriend. Zouden ze hier nog wonen?” We hadden geen idee.

Volgens ons woonde er helemaal niemand meer in Ollolai. Geen Nederlandse ontwerpsters en zelfs geen Italianen. Oudste sloeg aan het googelen. “Volgens mij zijn alle Nederlanders alweer vertrokken,” zei hij somber. “Misschien dat alleen die ontwerpster Marije Graafsma en haar vriend Ovan er nog zijn, maar veel kan ik er niet over vinden.”

Schoonzoon trok wit weg

“Zullen we anders de huizen gaan zoeken?”, stelde mijn moeder voor. Schoonzoon trok wit weg. Die zag zichzelf alweer door die enge straatjes toeren. “Laten we dat maar niet doen,” zei ik. “Laten we ergens een gelateria gaan zoeken.”

Mijn moeder is dol op ijs. Ze eet er het liefst drie per dag (en dan nog steeds maat 40 hebben hè, op je 82ste).

Waar zijn ze gebleven?

Afgelopen dinsdag kwamen we weer terug in Nederland. We vielen meteen middenin ‘Het Spaanse dorp Polopos’. Ik zit er nu al helemaal in. Beetje voorbereiding op onze volgende bedevaart. Ondertussen blijven de bewoners van Ollolai me wel bezighouden. Waar zijn die mensen gebleven?

Er zijn meer mensen die zich dat afvragen. Ook onze nieuwsdienst. Kennelijk waren zij ook geïntrigeerd door de radiostilte rondom het Italiaanse gehucht, want deze week verscheen een artikel op Telegraaf.nl. Mam, ze zijn er nog hoor. Niet allemaal, maar je ontwerpstertje wel. Ik denk dat ze even een dutje deed. Iets met ’s lands eer en zo.