Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Vrouw eten
Opgebiecht

Ze werd woest
van eetgeluiden

D

Deze week besteedden Coen en Sander in hun radioshow aandacht aan de officieel erkende aandoening misofonie. Mensen die hieraan lijden, kunnen niet tegen eetgeluiden van anderen. Wij ontvingen een brief van een lezeres die opgroeide met een zus die misofonie had. 'Wij durfden thuis bijna niet meer te eten.'

De maaltijden van vroeger kan ik me nog levendig herinneren. Niet omdat het zo feestelijk was aan tafel, maar omdat mijn moeder en ik nauwelijks durfden te eten in het gezelschap van mijn twee jaar oudere zus. Zij kon er namelijk niet tegen als ze iemand hoorde eten. Haar woede tijdens het eten was voornamelijk ingehouden, dat zorgde voor een bijzonder soort onderhuidse spanning. 

Overgevoelig

Ik krijg er letterlijk vlekken van als ik eraan terugdenk. Als je een hap nam, dan begon ze te kuchen, haar keel te schrapen. Steeds luider, geïrriteerder en dringender, waarbij ze je strak aankeek – echt woedend. Een gesprek was niet meer mogelijk, dat eindigde met een grauw en een snauw of met hysterie. Gezellig was het nooit.

Hoogleraar psychiatrie Damiaan Denys vertelde onlangs in Het Parool over zijn onderzoek naar mensen die overdreven gevoelig reageren op alledaagse geluiden. Misofonie, heet dat officieel. Sommige mensen worden knettergek als ze een klok horen tikken. Maar meestal gaat het om normale, menselijke geluiden. 

Misofoniepatiënten krijgen bijvoorbeeld een woedeaanval als iemand zijn neus ophaalt. Denys vertelt over een vrouw die haar huisraad aan diggelen sloeg, omdat haar man nieste. Sommige mensen willen hun partner wurgen, door de manier waarop hij of zij adem haalt – zelfs als die persoon gewoon lekker slaapt, vinden ze dat geluid hoogst irritant. Misofonie komt best vaak voor, zowel onder pubers als volwassenen, blijkt uit onderzoek. Concrete cijfers zijn er nog niet, maar de cognitieve therapie die het AMC aanbiedt, wordt inmiddels druk bezocht.

Vader

Dat mijn zus misofonie ontwikkelde, is achteraf bezien niet zo gek. Onze vader was en is – we hebben niet zoveel contact meer – een onbehouwen lomperik. Hij weigerde op welke manier dan ook rekening te houden met zijn huisgenoten, dat vond hij onzin. En dus zette hij, als wij kinderen even tv zaten te kijken, de televisie zonder enige waarschuwing over op een andere zender omdat hij zelf iets anders wilde zien. 

Hij liet keiharde scheten, want 'hij ging zich voor ons echt niet inhouden'. Als je er iets van zei, werd hij heel kwaad. Als je een vraag stelde, kreeg je geen antwoord. En tijdens het eten smakte en slurpte hij, precies zoals hij het zelf prettig vond. Hij kón zich overigens best normaal gedragen. Als er eens een collega op bezoek was, dan had hij ineens tafelmanieren.

Voor ons was het helemaal niet fijn. Mijn zus kon niet aan mijn vader ontsnappen toen we jong waren (net als ik). Dat zal haar ‘allergie’ wel gevoed hebben. Ik denk dat al deze ‘geluidsoverlast’ mijn zus supergevoelig heeft gemaakt. Mijn moeder en ik letten enorm op of we wel netjes aten, wij wisten hoe vervelend het is als iemand heel onbeschaafd eet. Maar uiteindelijk reageerde mijn zus woedend op íedereen die at.

Uit huis

Ik was dolblij toen ik op mijn achttiende het huis uit was. Weg uit die nare sfeer. Inmiddels ben ik 36 en merk ik steeds vaker dat ik zelf ook iets heb overgehouden aan het feit dat eten en eetgeluiden altijd zo beladen waren. Als iemand een zak chips opentrekt, sta ik stijf van de spanning. Mijn vriend weet inmiddels dat hij niet vlak bij mijn oor een boterham moet eten (en doet dat ook niet). Maar laatst zat ik naast iemand in de trein die van Amsterdam tot Leiden aan een appel knaagde. Ik had wel uit de trein willen springen. Wóedend maakte dat geluid me. Nu reis ik nooit meer zonder iPod.  

 

En, wat vind jij? Laat je horen!