Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

pasen, paashaas
Opgebiecht

'We lieten onze dochter 8 jaar lang
in de Paashaas geloven'

M

Mijn man en ik maken er tegenwoordig vooral grapjes over. Dan stoten we elkaar aan en zeggen we: 'Weet je nog?', waarna mijn dochter – nu negentien – met haar ogen rolt en ons kwaad aankijkt. Zij vindt het helemaal niet zo grappig dat ze destijds als enige van haar klasgenoten in de Paashaas geloofde. 

Ik weet niet eens meer zo goed hoe het kwam dat ze erin is gaan geloven. Waarschijnlijk hebben we toen ze een jaar of vier was een keer een grapje gemaakt dat de Paashaas was langsgekomen en allemaal eitjes in de tuin had verstopt. Mijn dochter had toen al een rijke fantasie en heeft er waarschijnlijk haar eigen draai aan gegeven. Ineens bestond ie: die lekkere zachte, grote haas met een mandje op zijn rug.

Nieuwsgierig als ze was, stelde ze er eindeloos veel vragen over. Ervan uitgaande dat het wel over zou waaien, hebben we haar fantasie gevoed. "Ja, de Paashaas verstopt eitjes in de tuin die jij dan mag zoeken." Geweldig vond ze het. Later voegden we er steeds weer iets aan toe.

Dreigen met Piet en Haas

Voor ons was het ook wel handig. Als ze in de herfst en de winter stout was, dreigden we met Sinterklaas en Zwarte Piet. "Denk erom, hoor. Anders krijg je geen cadeautjes!" Was Sinterklaas weer naar Spanje vertrokken, haalden we de Paashaas erbij. "Wil je je bordje niet leegeten? Nou, wat zal de Paashaas daar wel niet van vinden!" Binnen een mum van tijd was haar bordje leeg.

We zagen er geen enkel kwaad in. Het was voor ons wel makkelijk. Gedroeg ze zich rebels of vervelend, haalden we gewoon Sinterklaas of de Paashaas erbij en liep ze meteen weer in het gareel. En daarbij vonden we het vooral grappig en schattig. Ze had er lol in om de wildste fantasieën over de Paashaas te verzinnen.

Zo zouden alle hazen en konijnen familie zijn van de Paashaas. En alle konijntjes en hazen zouden kunnen praten, als je maar heel stil luisterde. Ze maakte honderden tekeningen en verstopte die ook in de tuin, zodat de Paashaas ze zou vinden. Te schattig, vonden we. Waarom zouden we daar abrupt een einde aan maken?

Je ouders verstoppen de eitjes

Op een gegeven moment begonnen mijn man en ik te twijfelen. Ze was zeven jaar toen ze door een aantal klasgenootjes werd uitgelachen. "Hij bestaat echt niet, hoor. Je ouders verstoppen eitjes in de tuin," zei haar beste vriendinnetje.

Huilend kwam ze thuis uit school. Ze kroop bij mij op schoot en nestelde zich tegen mij aan. "Ze liegen, hè mama?" vroeg ze met haar breekbare stemmetje. "De Paashaas bestaat wél. Toch…?" Met haar betraande gezichtje keek ze naar mij op. Achteraf weet ik dat ik het toen gewoon eerlijk had moeten vertellen, maar ik kon het niet over mijn hart verkrijgen. Dat arme kind was zo verdrietig.

Dieren konden praten

Pas een jaar later hebben we het haar uiteindelijk verteld. Mijn man en ik hadden een waar drama verwacht, maar dat viel allemaal reuze mee. "Ik vind Sinterklaas en Zwarte Piet toch leuker, want van hen krijg ik cadeautjes," zei ze opgewekt en ging verder met haar kleurplaat.

Het eieren zoeken in de tuin, bleef een Paastraditie. Wij verstopten de eieren op de vroege ochtend voor haar en haar oudere zus, waarna we lekker samen gingen ontbijten. Ze bleef geloven dat dieren konden praten, als je maar wilde luisteren. Films als Dr. Dolittle met pratende dieren hielpen daar niet echt bij…

Niet slechter

Nu is ze negentien en komt dit verhaal steevast bovendrijven met Pasen. Hoe ze met haar snoezige snoetje stampvoetend vertelde dat hij écht bestond. "Nu weten we het wel, mam," zegt ze dan ietwat geïrriteerd. Mijn man en ik schieten vervolgens altijd in de lach. Misschien hadden we haar iets eerder uit haar fantasiewereld moeten trekken, maar ze is er in ieder geval niet slechter van geworden. 

Gerelateerde onderwerpen