Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Voetgangers bij metrostation in Barcelona
Opgebiecht

'Hoewel ik wist dat ik fout zat
zette ik de aangifte door'

I

Ik heb nooit veel waarde gehecht aan dure accessoires, ik ben ze meestal na een seizoen al zat. Ik droeg op de bewuste dag dan ook een armband van een euro of tien. Niets bijzonders, gekocht op een marktje tijdens een dagje shoppen.

Zo’n twee jaar geleden was ik met een paar goede vriendinnen een midweek naar Barcelona. Het was heerlijk weer en met alle prachtige winkels hadden we het prima naar ons zin. Tijdens een dagje uit besloten we de metro te pakken, dat bleek namelijk een heel stuk goedkoper dan de taxi.

 

Weg armband

De metro was die dag overvol, tijdens het uitstappen werd je door de massa richting uitgang geduwd. Op de roltrap richting het plein was het meteen raak: eenmaal boven voelde ik wat aan mijn arm en toen ik keek, zette de man achter me het op een rennen. Hij was er vandoor, met mijn armband. Ik snapte niet goed wat er was gebeurd. Vol ongeloof besloot ik aangifte te gaan doen, niet per se om de armband, maar om het voorval.

Gelogen

Ik was kwaad. Kwaad op mezelf, kwaad op de overvaller en tegelijk kwaad op heel Barcelona. De vakantie die me veel tijd, geld en moeite had gekost, was naar mijn idee nu ‘verpest’. De sfeer was meteen grimmig en het voelde alsof ik ervoor had gezorgd dat niemand het meer naar haar zin had. “Weet je wat ik doe, ik doe net alsof deze armband me wél veel heeft gekost”, zei ik tegen mijn vriendinnen. Ik wilde deze rotervaring compenseren. Op het lokale politiebureau heb ik aangifte gedaan van een gestolen gouden armband, terwijl het in werkelijkheid een nep gouden prullaria-dingetje was.

Ik had even daarvoor op internet een gouden armband opgezocht die ergens wat leek op die van mij, het prijskaartje was echter niet vergelijkbaar. Ik had het merk en de prijs in mijn geheugen gegrift en was klaar om de aangifte te doen. Eenmaal op het politiebureau werd het toch allemaal wel heel officieel. Terwijl ik de aangifte deed, had ik een naar gevoel in m’n onderbuik. Maar hoewel ik wist dat ik fout zat, zette ik de aangifte door.

Plaatsvervangende schaamte

Toen ik vandaag las dat er afgelopen jaar 10.001 verzekeringsfraudeurs zijn opgespoord, kreeg ik een gevoel van plaatsvervangende schaamte. Nadat ik het geld van de verzekeraar had ontvangen, voelde ik me ziek. Ik voelde me geen haar beter dan de man die mij had beroofd van mijn armband. Ook ik had gestolen. Van het geld heb ik mijn vriendinnen getrakteerd op een etentje, hiermee wilde ik mijzelf en hen die dag laten vergeten. Toch voelde ik me er niet beter door. Zelf ben ik moeder van twee jonge kinderen, ik leer hun van jongs af aan: 'stelen is slecht', net zoals mijn moeder mij altijd had geleerd. Misschien had ik hieraan moeten denken, toen, in Barcelona...

Gerelateerde onderwerpen