Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Scoop!

Deel 15: Natuurlijk gun ik het haar
maar ik wil dit óók'

schrijfster

Iris Houx

N

Nu Esmée eindelijk haar leugentje heeft opgebiecht, kan ze zich weer volledig op haar werk richten. Zoals het notuleren van de redactievergadering. Business as usual. Maar dan blijkt Jasmijn niet goed te snappen hoe het eraan toegaat bij een glamourgossipglossy. Zal Esmée ingrijpen? 

‘Hé Jasmijntje!’ Ik gooi mijn jas naar de kapstok maar ik mis hem op een haar. Jasmijn zal me wel niet gehoord hebben want ze reageert niet, terwijl de deur van haar kantoor toch openstaat en het licht brandt. Ik buk om de jas op te rapen en hang hem netjes aan een haakje. 

 

Man, man. Ik ben nog steeds zó blij en opgelucht dat het hoge woord eruit is en dat ze er goed op reageerde. Eigenlijk had ik niet eens in de gaten dat ik er zo erg mee zat. Ineens kon ik een stuk vrijer ademen, alsof ik een heel pakje Fisherman’s Friends had geslikt.

Meteen na het biechtmoment-onderonsje heb ik Jasmijn laten zweren op alles wat haar lief is (haar ouders, haar diploma en haar hele kast vol merkkleding) dat ze mijn geheimpje aan niemand zal verklappen en al zeker niet aan de andere meiden. Ik wil daar liever zelf het juiste moment voor uitkiezen en dat begreep ze, al heb ik nog geen flauw idee waar en wanneer ik dat ga doen.

Ik gooi mijn handtas op mijn bureau en vertrek richting keuken om koffie te halen. Ik heb besloten om voorlopig maar gewoon de routine aan te houden die ik met Valerie had, totdat Jasmijn aangeeft dat ze bepaalde zaken anders wil.

Als ik een paar minuten later met de koffie haar kantoor binnenkom, zit daar niemand. Haar nieuwe bureaustoel is naar achteren gerold en haar computer staat aan. Als ik het kopje naast haar toetsenbord zet, werp ik een blik op het beeldscherm. Haar mailbox staat open en ik zie dat er vierendertig ongelezen mails in staan. Vierendertig! Dat is behoorlijk wat, als je bedenkt dat ze er net werkt. Natuurlijk, je hebt altijd die interne spam die iedereen krijgt: ‘Maandag komen de glazenwassers, zorg dat er niets in je vensterbank staat’ of ‘Wie heeft mijn wit-met-gele mok van de volleybalvereniging? Wil diegene hem DIRECT terugbezorgen? Ik ben er erg aan gehecht en kan NIET functioneren zonder’, en meer van dat soort shit. Maar ik zie ook mails van contactpersonen buiten de organisatie en mensen die ik niet ken. Zoals ene Beth van Alphen. Jasmijn heeft er zelfs meerdere mails van. Zou dat een nieuw contact zijn dat ze in de korte tijd die ze hier werkt al heeft aangeboord? Ik voel een steek van jaloezie. Ik wil ook nieuwe contacten aanboren, ideeën bedenken en uitvoeren, managen. Ik wil óók een redactiechef zijn. Ik weet verdomme dat ik het kan. Maar ik verman mezelf. Natuurlijk gun ik het Jasmijn, en mijn tijd komt vast nog wel.

Ik trek mijn jasje recht en bekijk mezelf in de spiegeling van het raam achter Jasmijns bureau. Het is een nieuw jasje in een prachtige roestbruine kleur, het gevolg van een shopsessie waar ik mezelf afgelopen zaterdag mee heb beloond voor mijn moed van vorige week en de goede afloop ervan. Het sloot prima aan bij mijn besluit om me meer te kleden als een vrouw van de wereld. Ik ben dan misschien maar een assistente, zolang ik me ernaar blijf gedragen word ik natuurlijk nooit een chef. Ik moet beter mijn best doen, me meer in de kijker spelen en kansen grijpen. Nou ja, dat laatste heeft Andrea besloten. Uiteraard ging dit gepaard met een Engelstalige motivatiequote, iets als ‘Succes doesn’t come and find you, you have to go out and get it’. Pragmatisch moet ik in elk geval zijn, dat is vanaf nu het sleutelwoord volgens haar.

Ik knikte begrijpend, maar toen ze even naar het toilet was, googelde ik het op mijn telefoon: ‘Pragmatisch: gericht op feiten, inspelend op de praktijk; zakelijk’. Oké. De uitdrukking dress for succes is mij dus op het lijf geschreven. Trots kijk ik naar beneden, naar de slangenleren pumps met torenhoge hak. Ik vond ze zo geweldig dat ik ze gewoon móést hebben, ook al kostten ze meer dan een tiende van mijn netto maandsalaris (zo rekende Andrea even voor mij uit, altijd fijn, zo’n wandelend geweten) en had ik werkelijk niets in mijn kast dat erbij paste. Dat probleem was gelukkig zo opgelost, binnen een halfuur was ik de trotse bezitster van een roestkleurig pakje en een matching satijnen top met watervalhals. Andrea keek me aan alsof ik mijn verstand in het pashokje had achtergelaten. Wat zij niet weet, is dat de sterren die in Go Glam! staan dat ook doen. Kleding uitzoeken bij de schoenen die ze willen dragen, bedoel ik. Andrea leest geen glossy’s, dus ik nam het haar niet kwalijk dat ze daar niet van op de hoogte was.

Terug bij mijn bureau kerf ik met mijn sleutel een turfstreepje in het bureaublad. De teller staat inmiddels op 149. Na mijn verhelderende gesprek met Andrea voelt het niet meer zo deprimerend. Die functie van redactiechef showbizz is nu eenmaal aan Jasmijn vergeven en Jasmijn is mijn vriendin. Ik ben blij voor haar. Echt. Moo Moo geeft ook andere bladen uit dus er zijn ook andere redactiecheffuncties, ik moet mijn oogkleppen eens afzetten. Ja, ik ben een assistente, nou en? Het is slechts een tussenstation op mijn weg naar succes en ook dat ene woord, wat was het ook alweer? O ja: pragmatisch. Op naar de redactievergadering dus.

Nadat ik nog even op Jasmijn heb gewacht, die niet verschijnt, plak ik een Post-it op haar deur en loop in mijn eentje richting vergaderzaal. Vandaag vind ik het voor het eerst jammer dat er tapijt op de vloer van onze afdeling ligt. Met deze pumps zou ik geweldig over een harde vloer kunnen klik-klakken. Ik ben vanmorgen al drie keer naar de receptie gelopen, ook al had ik net zo makkelijk kunnen bellen. Dat was even een wat minder pragmatisch, maar noodzakelijk momentje. Eerst een kort stukje over de granieten vloer in de gang en vervolgens dwars door de kantine, waar een vinyl vloer ligt. Klik-klak, klikker-de-klak.

*

‘Oké. Strak plan, Zizi. Dus wintermode, oud pakhuis, graatmagere modellen. Helemaal prima.’ Morris vat Zizi’s voorstel voor een nieuwe modereportage samen. Hij doet dit zonder op te kijken van zijn iPad en Zizi, die dit gewend is, knikt een keer naar niemand in het bijzonder, pakt haar kopje thee en nipt er voorzichtig aan. Ze heeft vandaag een prachtige witte trui aan van een hoogpolig breisel. Alle afzonderlijke uitsteekseltjes lichten op onder de seventies lamp die recht boven haar hoofd hangt. Het heeft iets engelachtigs.

Xandra neemt nu het woord. Ze zit links van Zizi aan de ovale tafel en is dus de volgende in het rondje. ‘Nou, ik had in gedachten om een keer flink uit te pakken, als daar ruimte voor is, met een spread over de nieuwste generatie foundations en daarbij dan ook echt een keer de diepte in te gaan wat betreft de herkomst en werking van de ingrediënten en zo.’ Niet alwéér, denk ik. Xandra heeft iets met foundations, volgens mij hebben we dit een paar weken geleden ook gedaan, alleen heette het toen geen foundation maar BB Cream.

Morris bromt alleen ‘hm-hm’ en is verder druk bezig met Word­feuden, Geen Stijl bijlezen en ranzige filmpjes bekijken (dat deed hij tenminste die keer dat ik naast hem zat).

Niewue generatie foutnadtions, diepte herkomst werking ingrendienten, tik ik. Ik probeer het allemaal bij te houden op mijn laptop, typefouten haal ik er later wel uit. Het is de bedoeling dat ik de notulen vóór de lunch af heb en rondstuur, samen met een actielijst met taken, uitgesplitst naar persoon. Elke week weer een worsteling. Toch hou ik van de redactievergaderingen op maandagochtend. Precies dit is waarom ik altijd bij een tijdschrift wilde werken: de sfeer, de hectiek, de snelheid waarmee alles gebeurt en vervliegt. Wat gisteren nieuws was, is vandaag al weer achterhaald. Liep gisteren iedereen in een wortelbroek, vandaag kan hij de vuilnisbak in en zijn geel gestippelde overalls weer helemaal on trend. Je zou zeggen dat het voor Jasmijn ook allemaal rete-interessant zou moeten zijn, maar daar merk ik weinig van. Ze zit onderuitgezakt naast me en ze lijkt er met haar gedachten niet bij. Traag vouwt ze een paperclip samen en staart ernaar alsof het een wetenschappelijk experiment is.

De beurt is nu aan Lolien. Ze kondigt zichzelf eerst aan met haar bekende hyenalach en begint dan wat losse ideeën te spuien voor de rubriek die zij meestal vult met korte nieuwtjes over ­lifestyleproduct­en. Hier heb ik gelukkig even tijd om weer bij te raken met mijn verslag, want als je alle hyena-achtige ‘ieeeeehiehies’ weglaat, zegt Lolien eigenlijk niet zo heel veel. Massagestoel, nieuwe outlet en iets met veters strikken vang ik op, maar dat laatste zal ik wel niet goed verstaan hebben. Ik markeer het even met een geel kleurtje: straks navragen.

‘Hm-hm,’ doet Morris tussen elke ieeeeehiehie door. Als je niet beter zou weten, zou je denken dat je naar een paringsdans van een nog onontdekte diersoort zit te kijken. Zij vraagt, hij antwoordt. Ongekend fascinerend.

Mijn vingers ratelen over het toetsenbord: hightech toiletborstel, nieuwe schoencrème met leerverzorgende ingrediënten, ieeeeehiehie (oeps, wissen), adresjes voor vintage meubels (hé, die moet ik even checken straks), blablabla.

‘Hm-hm.’

Een letterlijk verslag van de vergadering zou onomstotelijk aantonen dat Morris’ vocabulaire voornamelijk uit ‘hm-hm’ bestaat, dus meestal maak ik er maar iets van als: ‘M. van Zanten gaat akkoord’. Of, bij een wat meer vragende hm-hm, waarbij hij soms zelfs even oogcontact maakt met de spreker, noteer ik iets als: ‘M. van Zanten heeft zijn bedenkingen, maar gaat uiteindelijk akkoord’.

Lolien besluit haar lifestyle-opsomming met een laatste hyenalach en dan is het opeens stil.

Ik begin wat typefouten uit mijn laatste zinnen te halen (scheelt straks weer tijd) als Morris plotseling het woord neemt. Asjemenou.

‘Okeee. Showbizzzz. Gossip? Speelt er iets waar we wat mee kunnen? Ik hoor van iedereen dat het momenteel wat droogjes is allemaal. Geen barsten in huwelijken? Nippleslips? Lipslips? Buitenechtelijke kinderen?’ Morris kijkt even op van zijn beeldscherm. ‘Binnenechtelijke kinderen dan? Bad hair days? Niemand?’ Hij schuift nu zijn iPad aan de kant. Quasi geïnteresseerd leunt hij achterover, zijn handen achter zijn hoofd, de voet van zijn ene been rustend op de knie van het andere. Hij begint ermee te wiebelen. ‘Hoe zit het met Nova? Zit ze in een manische of in een depressieve periode? Is ze al van de drank af of is ze er weer aan? Ik snap er niets van, maar mensen vreten elke roddel over die kleine aandachtshoer alsof het gratis kaviaar is.’ Sjonge, dit is meer dan Morris ooit achter elkaar heeft gesproken in een vergadering. Gelukkig is het niet belangrijk genoeg om te notuleren.

Ik kijk naar Jasmijn, die met een vage glimlach luistert. Zo onopvallend mogelijk por ik in haar zij. Verstoord kijkt ze me aan en trekt dan een vragend gezicht. Ik antwoord met een subtiele hoofdknik naar de rest dat ze het woord moet nemen.

Morris kucht. Gretta’s forse billen schuiven over haar stoel. Paisley, die zoals gewoonlijk op haar schoot zit, klampt zich vast aan haar dijen. Iedereen staart.

‘Jij bent,’ zeg ik zachtjes. ‘Showbizz, weet je wel.’

Jasmijn kleurt direct lichtrood. Denk aan je tenen, wil ik haar toefluisteren, maar ik houd me op tijd in.

‘O ja, redactiechef showbizz, dat ben ik,’ lacht ze ongemakkelijk. ‘Ik moet er nog even inkomen.’

Het is stil. Stiller dan in een mortuarium om vier uur ’s nachts.

‘Nou, ik had dus gedacht dat we… gewoon eh… Wat zei je ook alweer, Morris?’ stottert ze.

Morris antwoordt niet. Zijn vinger veegt al weer over zijn iPad.

‘Misschien kunnen we even een belrondje doen langs de bekende managementbureaus of er nog nieuwtjes zijn,’ gaat ze verder. De roodheid van haar gezicht neemt iets af. Misschien kent ze het tenentrucje al en werkt het bij haar wél.

Ik ben geschokt. Managementbureaus bellen? Iedereen weet dat we dat per definitie niet doen. Wij vergaren zelf het nieuws of managementbureaus bellen óns, maar wij hen? Nooit. Alleen voor feitenchecks. Maar goed, Jasmijn is nieuw hier, het wordt haar vast vergeven.

Nog steeds zegt niemand een woord. Gretta schuift weer eens heen en weer, Tjibbe kucht. Langzaam krijg ik steeds moeilijker te negeren jeuk in mijn nek.

Ik schraap mijn keel. ‘Hank belde vanmorgen,’ begin ik. ‘Hij had een scoop.’ Ik rol een keer met mijn ogen.

Iedereen begint te lachen. Jasmijn ook, iets later dan de rest.

‘Hoeveel jaar jonger deze keer?’ vraagt Tjibbe.

Ik grijns. ‘Elf. En nu is het zeker weten de ware.’

Weer lacht iedereen.

Dan vervolg ik serieus: ‘Ik weet dat dit ondertussen geen nieuwswaarde meer heeft, maar misschien kunnen we wel een achtergrondartikel schrijven over Hank door de jaren heen, met foto’s van al zijn scharrels, hoelang de relaties duurden, wat de overeenkomsten zijn tussen zijn vriendjes en natuurlijk kunnen we een voorspelling door een “relatiedeskundige” laten doen over de geschatte duur van deze romance, ik noem maar iets.’

‘Hm-hm.’ Deze komt niet van Morris, maar van Jasmijn. ‘Dat is zeker een bruikbaar idee. En we zouden er ook een psycholoog op los kunnen laten, waarom types als Hank elke keer weer in dezelfde valkuil trappen,’ vult ze aan. Ze heeft zich herpakt, heel goed.

‘Hm-hm.’ Deze kwam wel weer van Morris. Hij maakt zowaar even oogcontact met Jasmijn. ‘Prima. Werk maar uit. Dan nu door naar het volgende punt. Dingetje, wat is het volgende punt?’

Dingetje, dat ben ik. ‘De maandplanning,’ antwoord ik.

Zo, dat is opgelost. Ik ben blij. Uiteindelijk ging het best aardig. Ik moet Jasmijn wel iets beter inwerken, merk ik. Het is logisch dat ze niet weet hoe het er in een redactievergadering aan toegaat, hoewel ik eerlijk gezegd had verwacht dat ze zich er een beetje in had verdiept. Maar ach, alles is nieuw, het is in het begin gewoon nog heel lastig om hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden. Ik had me dat beter moeten realiseren.

‘Prima. Maar eerst even een algemene mededeling, voordat ik het vergeet,’ zegt Morris. Hij laat zijn iPad met rust. ‘De directie heeft me gevraagd om alvast iets bij jullie in de week te leggen. Het gonst namelijk van de geruchten dat de bruiloft van Jay-Nay en Kiona Laseur nu echt ophanden is. Wanneer, dat weten we niet precies, maar wees erop voorbereid dat we dan een themanummer maken waarbij alles draait om de jurk, de gasten, de gossips en natuurlijk een repo over hun relatie door de jaren heen. Alles, tot de horoscopen aan toe moet Jay-Nay en Kiona ademen. All right?’ Volgens mij breekt hij zijn net gevestigde record opnieuw. Ik rammel wild op mijn toetsenbord om het allemaal vast te leggen voor het nageslacht: Bruilflot Jay nay, KIona, themanummrer jurk gasten gissops repo. Horoscoepn ademen.

We knikken allemaal. De meeste collega’s zijn nogal ‘Jay-Nay en Kiona’-moe. Er zijn uitdagendere BN’ers om over te schrijven en interessantere reportages te bedenken dan het zoveelste overzicht van de ups en downs van een rapper en zijn realitysterliefje. Maar Jay-Nay en Kiona hebben een ongekende fanschare. Ik denk even aan Andrea die nooit gestoord kan worden tussen zeven en halfacht, omdat ze dan met een kopje brandnetelthee en een zakje biologische groentechips haar dagelijkse shotje Lief & Leed met de Laseurs tot zich neemt. An­drea zou smullen van zo’n themanummer. 

OVER IRIS HOUX

Iris Houx is geboren en getogen in Noord-Brabant. In 2010 begon ze met het schrijven van korte verhalen en columns. Ze publiceerde o.a. in Dagblad Metro, TPO Magazine, Viva en Esta en won diverse schrijfwedstrijden. Sinds 2013 is ze vaste columniste van Chicklit.nl, waar ze met haar humor en eigen stijl een grote groep vaste lezers aan zich weet te binden. Scoop! is haar debuutroman.

OVER SCOOP!

In Scoop! neemt schrijfster Iris Houx neemt je mee in de wereld van Esmée Evers. Esmée verhuist naar de grote stad, waar ze een baan krijgt als redactiechef. Althans, dat vertelt ze haar vriendinnen, in werkelijkheid is ze redactieassistente. Haar leugentje is lastig vol te houden als één van haar vriendinnen haar bazin wordt bij hetzelfde magazine. Wanneer een bekende tv-ster noodgedwongen moet onderduiken, krijgt Esmée de kans zichzelf te bewijzen. Ze bedenkt een plan dat niet alleen de media op zijn kop zet, maar ook haar eigen carrière, vriendschappen en relatie...