Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Van je puberdochter moet je het hebben: Niet te jong gekleed, wel gewoon slecht gekleed
Foto: Hollandse Hoogte | JLPH
VROUW Glossy

Bernice onderzoekt
tot welke categorie ouders zij behoort

J

Journaliste Bernice Breure - moeder van twee pubers - onderzoekt hoe ze scoort als ouder. Want daar kan je zelf iets van vinden, maar wat vinden haar kinderen: doet ze het goed of moet zíj (her)opgevoed worden?

Hoe eng was het toen de kraamverzorgster vertrok. Wat moest ik eigenlijk met dat bundeltje mens in de wieg? En opeens gaat de oudste al naar de bovenbouw. Van de middelbare school, welteverstaan. Bij vrienden en vriendinnen vliegen de eerste kinderen zelfs al uit. Mijn pubers (15 en 14) bieden dagelijks nog voldoende uitdagingen, dus een tussenevaluatie van hoe ik het er als ouder vanaf breng kan misschien geen kwaad, bedenk ik als Hoe voed ik mijn ouders op? op mijn bureau belandt. 

Twintig probleemtypes

Godzijdank geen doorsnee opvoedbijbel: in dit hulpboek-met-een-knipoog van filosofen Frank Meester en Stine Jensen wordt aan de hand van gesprekken met kinderen het fenomeen ouder onder de loep genomen. Ze zijn tot maar liefst twintig probleemtypes gekomen.

Bijvoorbeeld de te-laat-naar-bed-ouder, die probeert kinderen te leren op tijd naar bed te gaan maar er zelf niks van bakt. Die zelf als een zoutzak met wallen onder de ogen én een ochtendhumeur aan de ontbijttafel zit. Of de kleffe ouder(s), die niet van elkaar kunnen afblijven. Vaders die hun hand over de billen van moeder laten glijden – een nachtmerrie voor een kind.

Kinderlogica

Het boek, voor kinderen tussen de 8 en 12, maar zeker ook voor meelezende ouders/verzorgers, stelt een aantal kernvragen om de omvang van de crisis in kaart te brengen. Is het antwoord vaak ja, dan is er maar één conclusie: ze zijn niet goed opgevoed. Er is werk aan de winkel.

"Want als dat zo ­doorgaat, wordt het steeds erger", schrijven Meester en Jensen. "Dan zitten jullie met de gevolgen ervan en later ook weer jullie eigen kinderen en de kinderen van jullie kinderen en ga zo maar door! Als jullie nu niets doen, loopt het vreselijk uit de hand." Aan de hand van oude denkers en kinderlogica worden oplossingen geboden. 

Te-veel-op-de-telefoon-ouder

In de eerdergenoemde probleemgevallen herken ik me niet. Maar op de lijst prijkt ook de te-veel-op-de-telefoon-ouder. "Zijn we dat niet allemaal?" verzucht een collega. Ooit had ik een - achteraf vrij belachelijke - regel ingesteld: mijn dochter en zoon mochten per dag een half uur op 'iets met een scherm'.

Van iPad tot PlayStation. Een kookwekker hield de tijd bij. Kansloos uiteraard. "Nog even, want anders ben ik dood", riep de gamende zoon met paniekogen. Ze hadden sowieso altijd recht op een paar extra minuten, want toen-en-toen had ik het gewaagd tegen ze te praten: dat moest worden gecompenseerd. 

Moment

Tegenwoordig laat ik het redelijk los, al klaag ik soms over hoe ongezellig dat geloer op die telefoon is. Daarop kaatst mijn dochter steevast terug dat ik zelf nog veel langer op mijn mobiel zit. De app Moment stelde haar in het gelijk. Er zijn dagen dat ik vier uur doorbreng op mijn telefoon. Tuurlijk, ik lees er soms de krant op, maak boodschappenlijsten en beantwoord een zakelijk mailtje.

Maar ik kan me ook verliezen in verhalen over hoe Monique Westenberg het al vijf jaar volhoudt met André Hazes, terwijl ik toch echt niet zijn grootste fan ben. Mijn zoon vindt me meer het type overwerkte ouder, die te veel en te hard werkt. "Veel harder dan papa, terwijl die toch in een groter huis woont." En bedankt. 

Beren-op-de-weg-ouder

Er is ook de beren-op-de-weg-ouder. Nou, je kunt een hoop over mij zeggen, maar op dit punt ben ik onschuldig. Sterker nog, wat dat betreft doe ik het opvoeden soms met mijn ogen dicht. Mijn puber mag om 2 uur ’s nachts, weliswaar alleen in gezelschap van andere feestgangers, 5 kilometer vanuit een naburig dorp naar huis fietsen. Doodeng, maar dat deed ik op die leeftijd ook. En dan had ik, hopelijk in tegenstelling tot haar, nog de nodige Pisang Ambon op. 

Op vakantie houd ik het graag avontuurlijk. Voor deze zomer mochten ze kiezen tussen Georgië of Albanië, waarop mijn oudste reageerde: "Tsss, waarom gaan we niet meteen naar Syrië." Humor heeft ze zeker, maar ik ben niet blind voor haar verbeterpuntjes.

Schelden

Met de eveneens genoemde mijn-kind-is-geweldig-ouder heb ik vaak moeite. Je kent ze wel, de vaders en moeders die bij ruzietjes op het schoolplein steevast de kant van hun eigen kroost kiezen en hooguit toegeven dat hun oogappel wat 'weerbaarder' moet worden. Uiteindelijk vinden deze schatjes dat zelf ook irritant, zo blijkt. 

De scheldende ouder, daarin herkent mijn vriendin Petra zich. Haar zoon (8) wordt gekort op zijn zakgeld als hij een vloekwoord gebruikt. "Maar achter het stuur ben ik zelf heel erg", lacht ze. "Als ik weer eens iemand uitmaak voor 'slome sufkut' zegt hij daar natuurlijk meteen wat van. 'Ik betaal mijn eigen zakgeld', zeg ik dan."

Zeiken

Mijn kinderen hebben me ooit over de telefoon horen zeggen dat collega Joop "niet zo moet zeiken". Grote hilariteit natuurlijk. Lang hebben ze me bij thuiskomst gevraagd of ik nog ruzie heb met 'Joop Klepzeiker'.

Zelf wil ik al bingo roepen bij de te-jong-geklede-ouder. Onlangs wees mijn dochter nog met een priemende vinger naar me. "Heb je dát vandaag aan gehad naar je werk?" Ik check het nog even bij haar. "Nou nee, ik vind je niet te jong gekleed", klinkt het peinzend, "wel soms gewoon slecht gekleed."

Wat ze beiden concluderen: ik praat te jong. Ik mag geen Insta of appie zeggen. Awkward willen ze al helemaal niet meer van me horen. "Amerikanen zeggen toch ook niet midden in een zin: and it was so onkemakkeluk?"

Ongezonde ouder

Maar met mij hebben ze in elk geval niet de ongezonde ouder in huis. Die doet het tegenovergestelde van wat hij zijn kind opdraagt: laat naar bed, slecht eten en veel drinken. Uitgerekend op mijn sportschool zit een leuk groepje vrouwen dat alle festivals afloopt en daar niet op een rosé of gin-tonic meer of minder kijkt. "'Wat een mooi ­nachthemd', zei mijn dochter op een zondagochtend tegen me", giechelt er één. "Ik heb maar niet verteld dat ik met mijn jurk nog aan in bed was gedoken."

Tekst: Bernice Breure. Dit verhaal - en veel meer leuks - vind je in de VROUW Glossy opgebiecht special, die nu in de winkels ligt. 

Het boek Hoe voed ik mijn ouders op? zelf lezen? Wij mogen 15 exemplaren weggeven! Laat voor 30 juni 2019 hieronder je gegevens achter om kans te maken.