Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Karin Noordam
VROUW magazine

Karin heeft smetvrees: 'Ik gebruikte
zelfs chloor onder de douche'

journaliste

Hanna Gillissen

K

Karin Noordam (35) heeft smetvrees. Ze doucht twee keer op een dag, gebruikt zes flessen zeep, en toch blijft ze zich vies voelen. Elke dag is één groot gevecht tegen haar dwanggedachten.  

 

“Ik voel me altijd vies. Naar de wc gaan, doe ik zo min mogelijk en ik mag niet zweten. Als ik opsta, drink ik eerst koffie en kijk het journaal, maar daarna moet er worden schoongemaakt volgens een vast patroon. Stoffen, stofzuigen, het aanrecht poetsen, de wasbak, het toilet… Dan pas mag ik ontbijten. Douchen duurt een half uur en gaat ook volgens een bepaald ritueel, elk lichaamsdeel veertig tellen. Het zorgt voor zoveel stress dat ik voor elke douchebeurt medicatie slik.

'Doe niet zo moeilijk'

Ik gebruik vijf flessen zeep, voor elk lichaamsdeel een andere, en een fles shampoo per week. Ik droog me af met drie handdoeken, die daarna meteen in de was gaan en trek schone kleren aan. Pas om twaalf uur ben ik klaar met alle handelingen. En ’s avonds begint alles opnieuw, heel frustrerend en vermoeiend.

Als tiener was ik al schoner dan leeftijdgenoten. Ik vond het lastig om ergens anders naar de wc te gaan, met chronische blaasontstekingen door het vele ophouden tot gevolg. ‘Nou Karin, doe niet zo moeilijk,’ werd vaak gezegd. Vanaf mijn achttiende is de smetvrees langzaam mijn leven ingeslopen. Ik wilde twee keer per dag douchen en ging vaker mijn handen wassen. Openbare toiletten waren echt een probleem. Ik kon ook slecht tegen veranderingen. Toen ik naar de pabo ging, werd de smetvrees enorm getriggerd.

Dwangneuroses

Ik ben waarschijnlijk geboren met aanleg voor dwangneuroses. Bovendien had ik een negatief zelfbeeld en was ik heel perfectionistisch en onzeker. Ik was de controle over mijn leven kwijt en de smetvrees was voor mij een manier om veiligheid te creëren. Een schijnveiligheid, want dat houvast werd mijn grote vijand. Uiteindelijk draaide alles om de dwanggedachten en handelingen. In het begin douchte ik nog 10 minuten, dat werden er 15, 20, 25… Tot niets meer goed genoeg was. Ik nam zelfs een fles chloor mee onder de douche. Chloor bijt in je huid: mijn handen barstten open en overal zaten rode plekken, tot bloedens toe.

Mijn ouders hadden het al snel door. Eerst draaide ik nog stiekem een wasje, ging ik stilletjes een keer extra douchen. Maar toen de waterrekening steeds hoger werd, kreeg ik commentaar. Ik vond alles vies.

Therapie

Etensluchtjes, bijvoorbeeld. Voordat ik naar het toilet ging, deed ik er een flinke scheut chloor in. Er mocht ook niemand anders aan mijn was zitten. Mijn moeder dacht aan smetvrees. Ik ging in therapie en al snel kreeg ik inderdaad die diagnose. Vele behandelingen volgden, individueel en in groepsverband. Ik heb alle soorten wel gehad.

Toch zeiden mijn ouders nog weleens tegen me: ‘Je moet de knop maar omzetten.’ Ze wisten niet hoe ongelukkig ik was. Sociale contacten onderhouden ging bijna niet meer. Ook met sporten stopte ik, terwijl ik altijd een fanatiek korfballer was. Maar iedereen douchte daar vijf minuten, bij mij werden het er al snel twintig. Op een gegeven moment moesten vriendinnen mij zelfs onder de douche vandaan halen. Mijn handen, oksels en benen zaten onder de rode pekken. Ik schaamde me ontzettend. Waarom deed ik dit?"

Lees de rest van het verhaal in VROUW magazine: 'Seks kan niet altijd spontaan en daarna wil ik sowieso douchen'