Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

Heleen van Royen
Foto: Hollandse Hoogte/Patrick Harderwijk
VROUW magazine

'Ik kijk omlaag en werp
een eerste blik op mijn nieuwe borsten'

Redactie VROUW

I

In haar nieuwe boek Sexdagboek dat deze week is verschenen, beschrijft Heleen van Royen haar seksleven, maar het gaat ook over vrouw-zijn en ouder worden. In dit stuk vertelt ze over de dag waarop ze besluit voor nieuwe borsten te gaan.

Maandag 24 juli

Vandaag vier ik de verjaardag van mijn nieuwe borsten; ze zijn 2 jaar geworden. Ik heb ze gekocht toen ik 50 werd. 'Nu of nooit', dacht ik. Wat God niet geeft, moet je zelf pakken. Voordat ik onder het mes ging, heb ik jarenlang getwijfeld. Immers: waarom zou je snijden in een gezond lichaam? Waarom siliconen in je lijf stoppen? Waarom het risico lopen op ongewenste complicaties? Waarom kan je niet tevreden zijn met wat je hebt: een kleine, ietwat verlepte B-cup?

De uiteindelijke beslissing tot de aankoop viel in een paskamer in een G-star outletstore met uiteraard superslecht licht, waar ik een spijkerbroek stond te passen. Ik had geen beha aan, zag de restanten van mijn ooit zo volle borsten en dacht: 'Fuck it, ik ben er klaar mee. Ik word 50, ik wil helemaal geen nieuwe spijkerbroek, ik wil nieuwe tieten'.

Mijn grootste angst was dat ik ze niet mooi zou vinden. Dat ik spijt zou krijgen en mijn kleine borsten terug zou willen, maar dat zou dan natuurlijk niet meer kunnen, want dan was mijn vel al helemaal opgerekt.

"Komt het vaak voor dat vrouwen ze er weer uit laten halen?" vraag ik aan de chirurg tijdens mijn eerste consult. Hij kijkt me verbaasd aan en schudt zijn hoofd. "Ik kan me geen geval herinneren. Of wacht, ja, eentje. Die vrouw kreeg een nieuwe vriend die nogal alternatief was en fel gekant tegen siliconen. Zij werd daar angstig van en wilde opnieuw geopereerd worden om ze te verwijderen." Hij pauzeert even en slaakt een weemoedige zucht. "Ik vond het jammer, want ze waren erg mooi geworden."

"Dus de meeste vrouwen zijn er blij mee?"

"Jazeker."

"En ze hebben geen spijt?"

"Als ze spijt hebben, is het omdat ze achteraf toch een grotere cup hadden gewild. De meeste vrouwen die hier op consult komen, zijn bescheiden. Ze zeggen: 'Doe mij maar één cup meer. Ze willen dat het niet te veel opvalt en zijn bang dat ze enorme ballonnen krijgen. Maar als ze dat cupje meer eenmaal hebben, went die nieuwe grootte heel snel.

En als ze iets straks aanhebben, is het net zoals het was voor de operatie, toen ze elke dag push-up-beha’s droegen. Dus zien ze weinig verschil. En dan realiseren ze zich dat ze eigenlijk toch graag grotere borsten hadden willen hebben."

Ik knoop dit verhaal goed in mijn oren.

Bij het tweede consult neem ik Bart mee. Bart is een billenman. Soms kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat mannen zeggen dat ze billenmannen zijn, omdat hun vrouw kleine borsten heeft en vice versa. Ik weet niet wat mannen zeggen als ze een volledig platte vrouw hebben. Waarschijnlijk: 'Ik ben een vrouwenman'. 

De chirurg legt een aantal voorbeeldborstprotheses op zijn bureau. Bart mag eraan voelen. Hij vindt het een wonderlijke gewaarwording. Ik krijg een pasbeha om de protheses erin te stoppen, zodat Bart het resultaat kan zien. Dat heb ik bij het eerste consult ook al gedaan. En inderdaad, met een T-shirt eroverheen lijkt het net alsof ik mijn eigen voorgevormde push-upbeha aan heb. Je ziet weinig verschil. Ik probeer een grotere prothese. En nog een grotere. Mijn voorgevel wordt bij elke pasbeurt een stukje indrukwekkender. "Zo, nu heb ik echt flinke borsten. Vind je ze niet te groot?" Ik kijk aarzelend naar Bart.

"Hoe kan je mij dat nou vragen?" antwoordt hij lachend. "Ik ben een man!" Hij zegt nog net niet 'borstenman'. 

"Laat me je nog even opmeten", zegt de chirurg.

Ik trek het T-shirt en de pasbeha weer uit, hij pakt een centimeterlint en meet de breedte en hoogte van mijn borsten en de afstand tussen mijn tepels. "Er is ruimte genoeg", stelt hij vast. "Je hebt brede borsten. Je kunt een hoop kwijt, je hoeft je niet in te houden. Je rechterborst is iets kleiner dan de linker, dat kan ik corrigeren door er 25 cc meer in te doen.

Ik plaats ze dual plane, dat betekent deels achter de borstspier, zodat je geen lelijke randen aan de bovenkant ziet en de protheses een beschermend laagje krijgen, waardoor je minder kans hebt op kapselvorming. Ik zet de sneetjes iets lager, zodat de protheses lager vallen en je tepels optisch hoger lijken te zitten."

Bart en ik luisteren ademloos. Dit is geen chirurg, dit is een tovenaar. "Maar welke grootte moet ik kiezen? Ik vind het heel moeilijk."

"Als je de prothese kiest die ik optimaal vind, oftewel de grootste die je net hebt gepast, kom je uit op C of D."

OMG, een D-cup. Die had ik toen ik zwanger was. Toen waren mijn borsten enorm. Het idee dat ik deze borsten zou kunnen terugkrijgen, duizelt me. 

"Je hoeft nu nog niets te beslissen", zegt de chirurg. "Denk er maar rustig over na. En wil je me wat foto’s sturen van toen je nog jong was? Dat is voor mij erg handig. Dan kan ik zien hoe je borsten er vroeger uitzagen, voordat je kinderen kreeg."

Weer thuis duik ik in mijn fotoalbums. Gelukkig was topless zonnen in de jaren tachtig heel gewoon, ik vind een aantal vakantiekiekjes waar mijn jonge, volle borsten glorieus op staan. Dat waren nog eens tijden. Ik denk aan het verhaal van een vriendin, die naar Hunkemöller ging voor een nieuwe beha, nadat haar tweede en laatste kind van de borstvoeding af was.

In de paskamer staarden twee treurige theezakjes haar aan. Ze was letterlijk leeggezogen en barstte ter plekke in huilen uit. "Het voelt als een verlies", vertelde ze. "Ik ben 38. Ik zal me nooit laten opereren, dat is niks voor mij en ook niet voor mijn man. Dus hiermee moet ik het de rest van mijn leven doen."

Ik begreep precies wat ze bedoelde. Mijn borsten werden in de loop der jaren steeds leger, zeker toen ik meer ging sporten en slanker werd. Droeg ik een push-upbeha dan leek het nog wat, maar zodra ik die uittrok, kwamen twee toch wat slappe flapjes tevoorschijn. Dat ik er bloot mee in Playboy heb durven staan, vind ik nog steeds heldhaftig. Tijdens het kennismakingsgesprek met hoofdredacteur Jan Heemskerk trok ik mijn truitje omhoog en zei: "Dit is alles wat ik heb. Weet je zeker dat je mij wilt?"

Hij zei dat het niet uitmaakte. Omdat ik een BN’er en geen Playmate ben, was mijn cupmaat minder interessant. Jan leerde me een truc die fotomodellen toepassen om ze iets groter en pronter te laten lijken: je plaatst je handen plat boven je borsten en trekt ze intussen stiekem omhoog. Schijnt wonderen te doen voor het beeld. Gegarandeerd een tepellift van een centimeter of 5. Of je houdt je handen eronder en duwt ze omhoog om een indrukwekkend decolleté te creëren, maar dat trucje kennen we allemaal. 

Na lang wikken en wegen besluit ik het advies van de chirurg op te volgen. Als ik het toch doe, dan maar meteen goed. Ik herinner me Noah, mijn ex-gigolo, met zijn bejaarde klant Mrs. Potato Head en haar mooie borsten. Die anekdote is me altijd bijgebleven. Dankzij dat pluspunt kon hij het op haar doen. Blijkbaar geven goede tieten je een streepje voor op de rest van de grijze meute. Geen gek idee om daar nu vast in te investeren. Rechts zal een Mentor Rond Cohesive 2 hp 375 cc worden geplaatst en links 350 cc. Ronde protheses passen volgens de chirurg beter bij mij dan anatomische ofwel druppelvormige. "Het volumeverlies zit bij jou juist aan de bovenkant. Als je anatomische protheses neemt, blijft de bovenkant plat. Dat wil je niet."

Om een idee te krijgen wat erin zou gaan, vul ik thuis de maatbeker met 375 milliliter water: indrukwekkend. De operatiedatum en -tijd zijn vastgesteld: 24 juli om 8 uur
’s ochtends. Ik bezoek een fysiotherapeut die me oefeningen geeft om de borstspieren vast op te rekken. Zowel voor als na de ingreep moet ik ermee aan de slag. Dit zal helpen om sneller te herstellen, belooft ze. 

In de vroege ochtend van 24 juli meld ik me geheel nuchter samen met Bart bij de kliniek. Ik heb om kwart voor zeven ’s ochtends nog wat selfies gemaakt van mijn blote bijna ex-borsten. De narcotiseur arriveert tegelijk met ons, op een racefiets. Na eventjes in de wachtkamer te hebben gezeten, word ik gehaald om naar de zaal te gaan. Bart mag niet mee. Hij geeft me een kus: "Tot straks. Bel maar als ik je kan halen."

Even later zit ik in een operatiehemd op mijn bed in de zaal te wachten. Mijn plastisch chirurg komt binnen en begroet me. Ik ben blij hem te zien. Zo te ruiken heeft hij al een paar koppen koffie op. Hij heeft een zwarte viltstift in zijn hand. Mijn hemd mag naar beneden. Hij tekent stippellijnen op mijn borsten. Op de linkerborst schrijft hij +25. 

Ik frons. "Eh, volgens mij is mijn rechterborst de kleinste…"

"O ja, natuurlijk. Het is nog vroeg" Hij streept de aantekening door en zet +25 op de andere borst.

Ik ben blij dat ik zo scherp ben, maar als ik even later op de operatietafel lig, wordt me nog een paar keer gevraagd waarvoor ik word geopereerd en of het klopt dat ik twee verschillende implantaten krijg. Check, dubbelcheck. De narcotiseur merkt op dat mijn bloeddruk aan de hoge kant is, hij wijt het aan de spanning. Ik mag aftellen en ga onder zeil. Als ik bijkom, lig ik weer op zaal onder een laken met alleen mijn onderbroek aan. Ik ga rechtop zitten. Op mijn bovenlichaam kleven plakkers met draden die naar een monitor lopen. Op mijn hoofd voel ik een operatiemutsje.

Ik kijk omlaag en werp een eerste blik op mijn nieuwe borsten. Mijn god, wat zijn ze groot. Tranen schieten in mijn ogen. Dit is geen droom. Ik heb het echt gedaan en heb het overleefd. Ze zijn enorm en gezwollen, maar ik vind ze meteen prachtig, zoals iedere moeder haar verkreukelde pasgeborene prachtig vindt.