Dit veld is verplicht

Dit veld is verplicht

Nee bedankt

'Kamperen is de ultieme relatietest'
Foto: Hollandse Hoogte | Eugenio Marongiu
Zomer

'Kamperen is
de ultieme relatietest'

M

Maaike Timmerman is presentatrice van Omroep WNL en bekend van het programma Goedemorgen Nederland. Wat houdt haar bezig?

Mijn man en ik hebben het nog nooit gedaan. En daar schaam ik me een beetje voor. Van veel vriendinnen hoor ik dat je je relatie dan eigenlijk geen relatie mag noemen. Ik mompel vaak: “Ach, het is er gewoon nooit van gekomen.” Maar eigenlijk durven we niet.

Bert & Ernie

Samen kamperen schijnt de ultieme relatietest te zijn. Elke zomer weer komen er in de krant cijfers voorbij over hoeveel stellen elkaar met tentstokken te lijf gaan. In september – vlak na de zomervakantie – is er zelfs een piek in het aantal scheidingen.

Mijn ouders hebben jarenlang met ons gekampeerd. In de auto wilden wij altijd het bandje van Bert & Ernie luisteren om heel hard Geen ruzie in de auto mee te kunnen zingen. Een liedje dat iets minder gewaardeerd werd als er ook echt ruzie was. Meestal omdat mijn vader – volgens mijn moeder – te hard reed en daardoor een afslag miste van een schattig dorpje waar zij heel graag even had willen kijken. 

En daar begint de ellende natuurlijk al. Onderweg. Een eindeloze autorit. Hoe is het mogelijk dat er nog stellen bij elkaar zijn die de weg moesten vinden zonder TomTom of Google Maps? Mij lukt het niet eens mét navigatie. “Sla over 300 meter rechtsaf,” gaat altijd mis. Ik vroeg mijn man laatst of hij het ook zo moeilijk vindt om die meters in te schatten. “Nee,” antwoordde hij. En tikte door op zijn laptop. 

Op zoek naar de hamlappen

Op onze parkeerplaats kom ik buurvrouw T. tegen. Ze kijkt zo verliefd naar de ingepakte vouwwagen, dat ik al mijn flauwe ‘kamperen is kramperen’-grapjes inslik. Ik zie de buurvrouw – geblondeerd, afgetraind, hakken van 12 centimeter – nog niet zo snel op een camping rondlopen, maar door haar nieuwe vriend G. is ze helemaal enthousiast over “de klapkar”. Want zo’n bak is “hartstikke luxe, maar je hebt alsnog het echte kampeergevoel”. 

Een paar weken later kom ik haar weer tegen. “Na vier dagen hebben we enorm ruzie gemaakt,” valt ze met de deur in huis. “Ik werd gek van die koelbox. Dan vroeg hij of ik de kaas kon pakken en moest ik eerst alle andere meuk eruit halen. Had ik de koelbox net anders ingericht, moest ik ’s avonds weer alles omkeren om de hamlappen te vinden.”

Ze vertelt over de douche die te koud was, over de geur van Deet die ze niet meer kon verdragen, over die ’kut-scheerlijn’ waar ze honderd keer overheen is gestruikeld en over klamme slaapzakken. Ze had dagenlang sikkeneurig voor haar mooie tentdoek gezeten. 

’Het echte kampeergevoel’

Totdat G. er klaar mee was. “Je doet niet eens je best,” schreeuwde hij. “Op deze manier hoeft het voor mij niet!” De overburen – twee zestigplussers met bergschoenen en uniseks fietsen – draaiden de klapstoelen hun kant op om niets van het spektakel te hoeven missen. Twee meisjes op een handdoek in het gras vergaten aan hun Calippo te likken en stopten zelfs even met giechelen. “Zelfs dat is dus niet te doen,” verzucht T. “Je kunt niet eens even ongegeneerd ruziën.”

Ik vraag bezorgd of het allemaal wel weer goed gekomen is. Een grote grijns verschijnt op haar gezicht. “O ja, meer dan goed.” Ze buigt samenzwerend naar me toe. “G. vond het een heel spannend idee dat het hele veld kon meegenieten. Zo’n klapkar is dus toch heel romantisch. Overdag lekker zeiken op elkaar en ’s avonds wijn met goedmaakseks!”

Ik krijg al met al een steeds beter beeld van ‘het echte kampeergevoel’, misschien moeten we een eerste keer toch maar eens overwegen. 

Deze column lees je in ZOMER, het magazine dat de komende acht weken iedere zaterdag bij De Telegraaf zit.

Gerelateerde onderwerpen